1945 was het beslissende en afsluitende jaar van de Tweede Wereldoorlog. In Europa rukten de geallieerden vanuit het westen en de Sovjet-Unie vanuit het oosten diep Duitsland binnen. Concentratiekampen als Auschwitz, Buchenwald en Bergen-Belsen werden bevrijd en de wereld werd geconfronteerd met de gruwelijke werkelijkheid van de Holocaust. De Duitse stad Dresden werd in februari verwoest door geallieerde bombardementen en in april begon de eindstrijd om Berlijn. Adolf Hitler pleegde op 30 april zelfmoord; kort daarna gaven Duitse troepen zich in Italië en uiteindelijk in heel Europa over. Op 8 mei werd de Overwinning in Europa (VE Day) gevierd.
Terwijl Europa begon aan de wederopbouw, woedde de oorlog in Azië voort. In juli en augustus 1945 namen de geallieerden tijdens de Conferentie van Potsdam beslissingen over de naoorlogse wereldorde. Tegelijkertijd werkten de Verenigde Staten aan het Manhattanproject. In augustus werden atoombommen op Hiroshima en Nagasaki geworpen, gevolgd door de Sovjetinvasie van Mantsjoerije. Japan capituleerde op 2 september. Daarmee kwam er een officieel einde aan zes jaar wereldoorlog.
Januari 1945
- 1–17 januari: Duitse troepen trekken zich terug uit de Ardennen na het mislukken van hun verrassingsoffensief (het Ardennenoffensief, of Slag om de Ardennen). Deze laatste grote aanval van Nazi-Duitsland in het Westen wordt afgeslagen, waarmee de weg vrij is voor de geallieerde opmars richting Duitsland.
- 6 januari: Het Sovjetleger begint een groot offensief richting het westen en dringt verder Nazi-bezet Polen binnen.
- 16 januari: De Amerikaanse 1e en 3e Leger (US First en Third Army) maken weer verbinding bij Houffalize, België, na weken gescheiden te zijn geweest tijdens de Slag om de Ardennen. Dit markeert het definitieve einde van de Duitse opmars in de Ardennen.
- 17 januari: Sovjet-troepen veroveren Warschau, de hoofdstad van Polen, waarmee een einde komt aan ruim vijf jaar Duitse bezetting. De stad ligt grotendeels in puin na eerdere opstanden en de bezetting.
- 18 januari: De SS begint met de evacuatie van concentratiekamp Auschwitz. Tienduizenden kampgevangenen worden door de nazi’s onder dwang te voet weggevoerd in ijzige kou, in de beruchte dodenmarsen. Velen bezwijken onderweg door uitputting of executies.
- 27 januari: Sovjettroepen bevrijden het vernietigingskamp Auschwitz in het zuiden van Polen. Ongeveer 7.000 achtergebleven gevangenen worden gered. De wereld wordt geconfronteerd met de ongekende schaal van de Holocaust wanneer de geallieerden de gruwelen in het kamp ontdekken.
- 30 januari: Het Duitse passagiersschip Wilhelm Gustloff, vol met vluchtende burgers en militairen, wordt in de Oostzee getorpedeerd door een Sovjet-onderzeeboot en zinkt. Bij deze grootste scheepsramp aller tijden komen naar schatting meer dan 9.000 mensen om het leven.
Februari 1945
- 1 februari: De ondergedoken Joodse diarist Anne Frank overlijdt op 15-jarige leeftijd in het concentratiekamp Bergen-Belsen aan de gevolgen van uitputting en tyfus. Pas na de oorlog zal haar dagboek wereldwijd bekend worden en symbool staan voor de Jodenvervolging.
- 4–11 februari: De leiders van de geallieerden – Franklin D. Roosevelt (VS), Winston Churchill (VK) en Jozef Stalin (Sovjet-Unie) – ontmoeten elkaar op de Conferentie van Jalta. Op deze top op de Krim bespreken ze de naoorlogse verdeling van Europa en de verdere aanpak van de oorlog. De afspraken van Jalta leggen de basis voor de verdeling van Duitsland en beïnvloeden de machtsverhoudingen in Europa (een voorbode van de Koude Oorlog).
- 13–14 februari: Een massaal Brits-Amerikaans bombardement verwoest de Duitse stad Dresden. Het bombardement veroorzaakt een vuurstorm die een groot deel van de binnenstad in as legt. Er vallen tienduizenden doden, vooral burgers, wat tot discussie leidt over de noodzaak van deze aanval zo laat in de oorlog.
Maart 1945
- 6 maart: Duitsland lanceert zijn allerlaatste offensief van de oorlog, Operatie Frühlingserwachen, in Hongarije. Deze wanhopige poging om de belangrijke olievelden bij de Balaton te verdedigen wordt uitgevoerd door elite-eenheden van de Waffen-SS, maar het offensief loopt al binnen enkele dagen stuk op hevige Sovjet-tegenstand.
- 7 maart: Amerikaanse troepen veroveren de stad Keulen. Even later weten zij bij Remagen onverwacht een intacte brug over de Rijn (de Ludendorffbrug) te bemachtigen. Dit succesvolle Rijnbruggenhoofd versnelt de opmars van de geallieerden Duitsland in en verkort de oorlog.
- 19 maart: Adolf Hitler geeft het zogenaamde Nero-bevel. In een laatste wanhoopsdaad draagt hij zijn ondergeschikten op om alle belangrijke infrastructuur in Duitsland te vernietigen voordat deze in geallieerde handen valt. Door verzet en sabotage van onder meer minister Albert Speer wordt dit bevel echter grotendeels niet uitgevoerd, waardoor veel steden en installaties gespaard blijven.
- 30 maart: Sovjettroepen veroveren de stad Danzig (het huidige Gdańsk). Hiermee nemen de Sovjets de controle over de Oostzeekust van Polen, terwijl de Duitse troepen zich steeds verder terugtrekken richting hun thuisland.
April 1945
- 1 april: In West-Duitsland omsingelen Amerikaanse troepen een groot Duits leger in het Ruhrgebied, het industriële hart van Duitsland. Daarmee wordt de Duitse strijdmacht in het westen effectief opgesplitst en uitgeschakeld. Tegelijkertijd lanceren de geallieerden in Italië een laatste offensief tegen de Duitsers daar, waarbij ze door de laatste verdedigingslinies ten noorden van Bologna breken.
- 4 april: Amerikaanse soldaten ontdekken in Duitsland enorme hoeveelheden door de nazi’s buitgemaakte kunst en goud, verborgen in de zoutmijnen van Merkers. Deze vondst van nazi-kunstschatten en goudvoorraden toont de enorme schaal van de nazi-plunderingen in Europa.
- 11 april: Het concentratiekamp Buchenwald bij Weimar wordt bevrijd door Amerikaanse troepen. De bevrijders treffen duizenden uitgehongerde gevangenen aan. Het nieuws en beeldmateriaal van deze kamphel shockeert de buitenwereld en bevestigt de berichten over nazi-oorlogsmisdaden.
- 12 april: In de Verenigde Staten overlijdt president Franklin D. Roosevelt onverwacht aan een hersenbloeding, midden in de oorlog. Vicepresident Harry S. Truman volgt hem op als president. Deze leiderschapswissel, kort voor de eindoverwinning in Europa, zorgt voor onzekerheid, maar Truman zet Roosevelts koers voort.
- 15 april: Britse troepen bevrijden het concentratiekamp Bergen-Belsen in Noord-Duitsland. In het kamp vinden ze tienduizenden doden en stervende gevangenen; slechts weinigen zijn nog in leven. De wereld is geschokt door de aangetroffen taferelen. (In dit kamp was onder anderen Anne Frank enkele weken eerder al overleden.)
- 16 april: Het Rode Leger (Sovjet-leger) begint een allesomvattend eindoffensief op Berlijn, om de Duitse hoofdstad te veroveren. Aan het andere front trekken Amerikaanse troepen dezelfde dag de Zuid-Duitse stad Neurenberg binnen, een voormalig nazibolwerk.
- 18 april: In het Ruhrgebied geven de omsingelde Duitse troepen zich over aan de westelijke geallieerden. Ongeveer 325.000 Duitse soldaten leggen daar de wapens neer – een van de grootste capitulaties van Duitse troepen tijdens de oorlog. Hiermee komt een einde aan georganiseerde Duitse tegenstand in West-Duitsland.
- 21 april: Sovjettroepen doorbreken de laatste Duitse verdedigingslinie en bereiken de buitenwijken van Berlijn. De slag om de stad woedt nu in de straten van de Duitse hoofdstad zelf.
- 21–26 april: In de stad Bautzen in Silezië (Polen) vindt een van de laatste veldslagen tussen Duitse en Poolse/Sovjet-troepen plaats. De Duitse troepen, gesteund door enkele SS-Pantserdivisies, voeren een verbeten tegenaanval uit op het oprukkende Poolse 2e Leger. Ondanks lokale tactische successen voor de Duitsers is deze strijd vergeefs binnen het grotere geheel van de naderende nederlaag van Duitsland.
- 28 april: Benito Mussolini, de afgezette fascistische dictator van Italië, wordt samen met zijn minnares Clara Petacci gevangengenomen door Italiaanse partizanen terwijl hij op de vlucht is. Ze worden ter plaatse geëxecuteerd en hun lichamen opgehangen in Milaan als waarschuwing voor collaborateurs. Diezelfde dag bevrijden geallieerde troepen de stad Venetië, waarmee vrijwel heel Italië nu bevrijd is.
- 29 april: Soldaten van het Amerikaanse 7e Leger bevrijden concentratiekamp Dachau bij München. Dachau was in 1933 het eerste door de nazi’s opgerichte concentratiekamp en was symbool komen te staan voor de nazi-terreur. De bevrijding onthult ook hier de verschrikkingen die zich in het kamp hebben afgespeeld.
- 30 april: Adolf Hitler pleegt zelfmoord in zijn bunker onder Berlijn, samen met zijn kersverse echtgenote Eva Braun. Hiermee verliest Nazi-Duitsland zijn Führer en valt de nazistische commandostructuur uiteen. Veel naaste bondgenoten van Hitler vluchten of maken eveneens een einde aan hun leven. In de straten boven de bunker gaat de strijd nog door, maar de val van Berlijn is nabij.
Mei 1945
- 2 mei: Berlijn wordt volledig ingenomen door het Sovjetleger; de overgebleven Duitse verdedigers in de hoofdstad capituleren onvoorwaardelijk. Daarmee valt het laatste grote bolwerk van het Derde Rijk. Op dezelfde dag geven ook de laatste Duitse troepen in Italië zich over aan de geallieerden, waarmee de oorlog in Italië eindigt.
- 4–5 mei: In Nederland komt na vijf jaar bezetting de strijd ten einde. Op 4 mei tekenen Duitse commandanten de capitulatie in Wageningen en gaat om 20.00 uur in heel Nederland een staakt-het-vuren in. Op 5 mei 1945 is de bevrijding van (het grootste deel van) Nederland een feit en leggen de Duitse troepen in Nederland officieel de wapens neer.
- 7 mei: In Reims, Frankrijk ondertekent het Duitse opperbevel (onder admiraal Karl Dönitz, Hitlers opvolger) de akte van onvoorwaardelijke overgave van alle Duitse strijdkrachten aan de geallieerden. Dit document markeert het definitieve einde van de oorlog in Europa.
- 8 mei: Overwinning-in-Europa-dag (VE-Day). In Londen, Parijs, New York en vele andere steden vieren de mensen massaal het nieuws van de overwinning op Nazi-Duitsland en het einde van de oorlog in Europa.
- 9 mei: Hermann Göring, Hitlers tweede man en voormalig bevelhebber van de Luftwaffe (de Duitse luchtmacht), wordt gearresteerd door soldaten van het Amerikaanse 7e Leger. Göring had zich eerder overgegeven in de hoop op clementie. Zijn gevangenneming symboliseert de ineenstorting van de nazitop.
- 23 mei: Reichsführer-SS Heinrich Himmler, hoofdarchitect van de Holocaust, pleegt zelfmoord met een cyanidecapsule kort nadat hij door Britse troepen gevangengenomen is. Diezelfde dag wordt de resterende Duitse interim-regering van admiraal Dönitz (gevestigd in Flensburg) door de geallieerden opgepakt en afgezet, waarmee het laatste nazi-bewind verdwijnt.
Juni 1945
- 5 juni: De geallieerde opperbevelhebbers maken bekend dat Duitsland en Oostenrijk in bezettingszones worden opgedeeld en dat Berlijn een viersectorenstatus krijgt. De geallieerden nemen gezamenlijk het bestuur van Duitsland over via de Geallieerde Controleraad. Dit markeert het begin van de geallieerde bezetting en het herstelproces, maar legt ook de basis voor de latere deling van Duitsland in Oost en West.
- 26 juni: Vijftig landen, waaronder Nederland, ondertekenen in San Francisco het Handvest van de Verenigde Naties. Hiermee wordt de oprichting van de Verenigde Naties (VN) een feit. De nieuwe internationale organisatie heeft tot doel de wereldvrede te handhaven en samenwerking tussen landen te bevorderen, om zo een nieuwe wereldoorlog te voorkomen.
Juli 1945
- 1 juli: Zoals overeengekomen trekken Amerikaanse, Britse en Franse troepen hun aangewezen bezettingszones in Berlijn binnen. Vanaf dat moment is de voormalige Duitse hoofdstad formeel in vier sectoren verdeeld (Sovjet, Amerikaans, Brits, Frans) – een situatie die zou blijven bestaan tot ver in de Koude Oorlog.
- 16 juli: In de woestijn van New Mexico (VS) voeren Amerikaanse wetenschappers de eerste succesvolle test uit met een kernwapen (de Trinity-atoombomtest). De gigantische explosie toont de verwoestende kracht van het nieuwe wapen waar de VS in het diepste geheim aan hebben gewerkt.
- 17 juli: In een voorstad van Berlijn begint de Conferentie van Potsdam, de laatste grote geallieerde top van de oorlog. President Harry Truman (VS), Sovjetleider Stalin en premier Winston Churchill (VK) komen bijeen om te beslissen over de bezetting van Duitsland, de verdere strijd tegen Japan en de naoorlogse wereldorde. Halverwege de conferentie vindt in het VK een politieke wisseling van de wacht plaats: op 26 juli volgt Clement Attlee Churchill op als premier, na diens verkiezingsnederlaag.
- 26 juli: De geallieerden (VS, Groot-Brittannië en China) publiceren tijdens de conferentie de Verklaring van Potsdam. Hierin eisen zij de onvoorwaardelijke overgave van Japan en waarschuwen dat anders “snelle en totale vernietiging” zal volgen.
- 28 juli: De Japanse regering besluit het Potsdam-ultimatum te negeren. Premier Kantarō Suzuki verklaart dat Japan het ultimatum “geen commentaar waardig” acht – wat neerkomt op een verwerping. Hiermee lijkt de Japanse leiding vastberaden om door te vechten ondanks de wanhopige situatie.
Augustus 1945
- 6 augustus: Een Amerikaans B-29 bommenwerper werpt de eerste atoombom op de Japanse stad Hiroshima. De explosie vernietigt de stad grotendeels; tienduizenden mensen sterven op slag en velen meer bezwijken later aan verwondingen en stralingsziekte. Het is de eerste keer in de geschiedenis dat een kernwapen in oorlog wordt ingezet.
- 8 augustus: De Sovjet-Unie verklaart de oorlog aan Japan, nu de strijd in Europa voorbij is. Diezelfde nacht vallen Sovjettroepen Mantsjoerije (Noordoost-China, destijds door Japan bezet als marionettenstaat Mantsjoekwo) binnen. Deze aanval, codenaam Operatie August Storm, overweldigt het Japanse Kwantungleger in korte tijd.
- 9 augustus: De Verenigde Staten laten een tweede atoombom vallen, ditmaal op de stad Nagasaki. Wederom wordt een Japanse stad verwoest en sterven tienduizenden burgers. De combinatie van de Sovjetinval en de twee atoombommen brengt de Japanse keizer ertoe in te grijpen.
- 15 augustus: Keizer Hirohito kondigt in een radio-uitzending de onvoorwaardelijke overgave van Japan aan. Deze dag – later bekend als V-J Day (Victory over Japan Day) – markeert het einde van de Tweede Wereldoorlog in Azië en daarmee de definitieve overwinning van de geallieerden.
- 19 augustus: Vertegenwoordigers van de Japanse regering bevestigen schriftelijk dat zij de voorwaarden van de Verklaring van Potsdam accepteren, als voorbereiding op de formele ondertekening van de capitulatie.
September 1945
- 2 september: Aan boord van het Amerikaanse slagschip USS Missouri in de Baai van Tokio ondertekenen Japanse vertegenwoordigers formeel de capitulatieakte. Hiermee is de Tweede Wereldoorlog officieel beëindigd. Deze datum wordt internationaal herdacht als V-J Day, de dag van de overwinning op Japan, vanwege het officiële einde van de oorlog. Na de ondertekening begint de geallieerde bezetting van Japan onder leiding van de Amerikaanse generaal Douglas MacArthur.
Oktober 1945
- 24 oktober: Het Handvest van de Verenigde Naties treedt in werking na ratificatie door een meerderheid van de aangesloten landen (inclusief de vijf permanente Veiligheidsraadsleden). De Verenigde Naties zijn daarmee officieel opgericht als opvolger van de mislukte Volkenbond. De VN vestigen hun hoofdkwartier in New York en zullen zich toeleggen op het handhaven van internationale vrede en veiligheid, om een nieuwe wereldoorlog te voorkomen.
November 1945
- 20 november: In de Zuid-Duitse stad Neurenberg beginnen de geallieerden met een internationaal tribunaal tegen vooraanstaande nazi-kopstukken, bekend als de Neurenbergprocessen. Tijdens deze processen worden hoge nazi-leiders aangeklaagd voor oorlogsmisdaden, misdaden tegen de menselijkheid en misdaden tegen de vrede. De berechting van de nazi’s vormt een mijlpaal in het internationaal recht en legt veel van hun gruweldaden voor de wereld bloot.









