
De Nationaal-Socialistische Beweging (NSB) was een Nederlandse politieke partij die een prominente rol speelde in de jaren voorafgaand aan en tijdens de Tweede Wereldoorlog. Opgericht op 14 december 1931 in Utrecht door Anton Adriaan Mussert en Kees van Geelkerken, werkte de NSB nauw samen met de Duitse bezetters. Deze tekst onderzoekt de oprichting, de vroege successen, en de factoren die bijdroegen aan de groei van de NSB.
Oprichting en ideologie
De grondleggers
De NSB werd opgericht door Anton Adriaan Mussert en Kees van Geelkerken, die beiden ontevreden waren over de politieke situatie in Nederland. Mussert, een ingenieur, en Van Geelkerken, een ambtenaar, vormden samen een ideologische kern die gericht was op het centraliseren van de macht en het versterken van nationale eenheid.
Het programma
Mussert schreef het partijprogramma grotendeels gebaseerd op het programma van Hitlers NSDAP. Hoewel het antisemitisme en rassenleer, kenmerkend voor de NSDAP, aanvankelijk ontbraken, bevatte het programma wel typische fascistische eisen zoals een sterke regering, afschaffing van individualistisch kiesrecht, en economische hervormingen ten dienste van de volksgemeenschap. Ook werden arbeidsplicht en beperking van de persvrijheid voorgesteld.
Eerste openbare optreden
Na een jaar van zorgvuldige voorbereiding trad de NSB op 7 januari 1933 voor het eerst openbaar op met een ‘landdag’ in Utrecht, bijgewoond door 600 aanhangers. Tijdens deze bijeenkomst werd het partijweekblad Volk en Vaderland geïntroduceerd, evenals de Weerbaarheidsafdeling (WA), de paramilitaire vleugel van de NSB, gekleed in zwarte uniformen.
Ledenaanwas
De NSB kende een snelle groei in de eerste jaren. Het ledenaantal steeg van ongeveer 1000 in januari 1933 naar 21.000 in januari 1934, 33.000 in januari 1935, en 52.000 in januari 1936. De partij wist ook leden te werven in Nederlands-Indië, die financieel belangrijk waren.
Verkiezingssucces
Bij de Provinciale Statenverkiezingen van april 1935 behaalde de NSB een verrassend succes met 7,94% van de stemmen. Dit succes was vooral te danken aan de populariteit van de NSB op het platteland, in betere stadswijken, en in Nederlands-Indië.
Politieke context
De economische crisis van de jaren dertig en de onmacht van de parlementaire democratie in Europa zorgden voor een vruchtbare bodem voor fascistische bewegingen. In Nederland was de NSB de eerste partij die hier significant van profiteerde.
Oorzaken van succes
Het succes van de NSB kan worden toegeschreven aan verschillende factoren:
- Reputatie van Mussert en zijn medewerkers: Mussert en zijn naaste medewerkers stonden bekend als degelijke en kundige intellectuelen.
- Organisatorische structuur: De NSB gaf haar leden een gevoel van elite door middel van rangen, uniformen, symbolen en groeten.
- Politieke kleurloosheid: Musserts vermogen om mensen met verschillende politieke achtergronden te verenigen.
- Legale tactiek: De NSB streefde naar macht via wettige middelen.
Begin van de teruggang
Dalende ledenaantallen
Vanaf eind 1935 begon het aantal leden van de NSB af te nemen. Het ledental daalde van 48.000 in januari 1937 naar 32.000 in januari 1940. Deze afname werd versneld door toenemende tegenstand van democratische partijen, vakbewegingen en kerken.
Verkiezingsnederlagen
De Tweede-Kamerverkiezingen van mei 1937 werden een mislukking voor de NSB, met slechts 4,22% van de stemmen. Bij de Provinciale Statenverkiezingen van april 1939 daalde de aanhang verder tot 3,89%.
Toenemende tegenstand
De tegenstand tegen de NSB nam toe naarmate het fascisme een ernstiger bedreiging werd. De Nederlandse regering nam maatregelen tegen de NSB, zoals het verbod op NSB-lidmaatschap voor ambtenaren in 1933 en het verbod op de WA in 1935.
Ideologische radicalisatie
Een belangrijke oorzaak van de teruggang was de radicalisatie binnen de NSB vanaf 1935. De beweging omarmde steeds meer de ‘volkse’ theorieën van ‘bloed en bodem’, en Mussert begon in 1937 racistisch antisemitisme te aanvaarden. Dit zorgde ervoor dat veel sympathisanten de partij de rug toekeerden.
Radicalisatie en Ideologische verschuivingen
Overgang naar racisme en antisemitisme
Vanaf 1935 begon de NSB een meer radicale ideologische koers te varen. De aanvankelijke toon van staatsabsolutistische denkbeelden, geïnspireerd door hegeliaanse filosofen zoals Wigersma en Van Lunteren, maakte plaats voor de ‘volkse’ theorieën van ‘bloed en bodem’. In zijn brochure De bronnen van het Nederlandsche nationaal-socialisme (1937) accepteerde Mussert racistisch antisemitisme, wat een schok veroorzaakte onder veel van zijn aanhangers die deze radicale wending afkeurden.
Invloed van Meinoud Rost van Tonningen
Een belangrijke figuur in de radicalisering van de NSB was Meinoud Marinus Rost van Tonningen, die in augustus 1936 toetrad tot de partij. Als protégé van de Duitse SS-leiding werd hij hoofdredacteur van het nieuwe dagelijkse partijorgaan Het Nationale Dagblad en in 1937 werd hij verkozen tot lid van de Tweede Kamer. Rost van Tonningen was een fervent nazi en droeg aanzienlijk bij aan de interne verdeeldheid binnen de NSB door met Duitse steun tegen Musserts leiding te intrigeren.
Buitenlandse politieke standpunten
Solidariteit met Italië en Duitsland
De NSB begon zich steeds meer te profileren op het internationale toneel. In oktober 1935 verklaarde Mussert zich solidair met Italië na de invasie van Ethiopië. Vanaf dat moment steunde de NSB consequent de agressieve politiek van zowel Duitsland als Italië. Deze houding zorgde voor verdere isolatie van de partij binnen Nederland en leidde tot een steeds extremere en vulgaire binnenlandse politiek.
Steun voor Nazi-Duitsland
De opkomende steun voor Nazi-Duitsland werd steeds duidelijker in de jaren voorafgaand aan de Tweede Wereldoorlog. Mussert en de NSB verwachtten een nieuw Europa op nationaal-socialistische grondslag onder Duitse hegemonie, waarin Nederland een plaats zou kunnen vinden door Mussert en de NSB aan de macht te brengen.
NSB tijdens de Tweede Wereldoorlog
Aanvang van de oorlog
Toen de Tweede Wereldoorlog in 1939 uitbrak, pleitte de NSB voor Nederlandse neutraliteit, maar hun sympathie lag duidelijk bij Duitsland. Tijdens de meidagen van 1940 werden duizenden NSB’ers gevangengenomen, maar na hun bevrijding door de Duitsers versterkte dit hun bereidheid tot samenwerking met de bezetter. Op de ‘hagespraak’ van 22 juni 1940 verklaarde Mussert de oorlog met Duitsland voor beëindigd en vond hij dat het Nederlandse koningshuis de troon had verspeeld.
Politieke doelen en pogingen
Mussert streefde naar de staatsmacht voor de NSB in een verenigd Nederland en België als onderdeel van een Germaanse statenbond. Ondanks zijn hardnekkige pleidooien bij Hitler, wist hij zijn politieke doelen niet te realiseren. De NSB bleef algemeen gehaat in Nederland, en hun acties, zoals de anti-joodse hetze door de heropgerichte WA, droegen bij aan deze afkeer. Deze acties leidden onder andere indirect tot de Februaristaking van 1941, een massale staking tegen de jodenvervolging.
Interne spanningen en Duitse beïnvloeding
De interne verdeeldheid binnen de NSB nam toe door de invloed van de Duitse SS. Het groot-Germaanse annexatiestreven van de SS, vertegenwoordigd binnen de NSB door Rost van Tonningen en de Nederlandse SS onder leiding van J.H. Feldmeijer, botste met Musserts visie. De rekrutering van Nederlanders voor de Waffen-SS, vooral voor de strijd in Oost-Europa, werd door de NSB en de Duitse SS actief gepromoot.
Collaboratie en neergang
De NSB als enige toegestane partij
In december 1941 werd de NSB de enige toegelaten politieke partij in Nederland. Deze status werd bevestigd toen Mussert een jaar later de titel ‘Leider van het Nederlandse Volk’ kreeg. Echter, deze titels brachten geen echte macht met zich mee. De NSB bleef in de praktijk slechts een hulptroep van de Duitse bezetters zonder enige zelfstandige politieke macht.
Organisatorische functies
Veel NSB’ers accepteerden bestuursfuncties zoals burgemeester, commissaris of secretaris-generaal. Deze posities hielpen de Duitse bezetters bij het administratief beheren van Nederland en versterkten de collaboratie. De invloed van de NSB op lokaal niveau groeide, maar bleef afhankelijk van Duitse goedkeuring en supervisie.
Militaire inzet en paramilitaire groepen
Waffen-SS en Vrijwilligerslegioen Nederland
De NSB speelde een belangrijke rol in de werving van Nederlandse vrijwilligers voor de Waffen-SS. Dit Vrijwilligerslegioen Nederland werd ingezet aan het oostfront, waar ze vochten tegen de Sovjet-Unie. Deze militaire samenwerking met de Duitsers was een duidelijk voorbeeld van de verregaande collaboratie van de NSB.
De Landwacht
Vanaf de zomer van 1943 werden veel mannelijke NSB-leden georganiseerd in de Landwacht. Deze paramilitaire groep ondersteunde de bezetters bij het onderdrukken en terroriseren van de Nederlandse bevolking. De Landwacht was berucht vanwege hun harde optreden en wreedheden tegen verzetsstrijders en burgers.
Dolle Dinsdag en het einde van de NSB
Dolle Dinsdag
Op 5 september 1944, bekend als ‘Dolle Dinsdag’, stortte het NSB-apparaat grotendeels in. Vele NSB’ers vluchtten naar Duitsland uit angst voor de oprukkende geallieerden en de wraak van de Nederlandse bevolking. Deze dag markeerde het begin van het einde voor de NSB, die haar greep op Nederland verloor.
Interne onenigheid en degradatie
Het achtergebleven deel van de NSB viel uiteen door interne onenigheid. Begin 1945 leidde deze verdeeldheid zelfs tot het royeren van prominente leden zoals Rost van Tonningen en Van Geelkerken door Mussert zelf. De interne strijd verzwakte de partij verder, waardoor ze steeds irrelevanter werd in de ogen van zowel de bevolking als de bezetters.
Het verbod en berechting na de bevrijding
Na de bevrijding van Nederland in mei 1945 werd de NSB verboden. De meeste leden werden berecht voor landverraad. Mussert werd geëxecuteerd, Van Geelkerken kreeg levenslang, en Rost van Tonningen pleegde zelfmoord in de gevangenis. Pogingen om de beweging clandestien voort te zetten mislukten en de NSB verdween roemloos uit de geschiedenis.
Conclusie
Een opkomst en ondergang
De Nationaal-Socialistische Beweging (NSB) begon als een kleine politieke beweging die profiteerde van de economische crisis en de onmacht van de parlementaire democratie in de jaren dertig. Onder leiding van Anton Mussert kende de NSB een snelle groei en wist het in korte tijd een aanzienlijke aanhang te verwerven. Echter, de radicalisatie van de partij vanaf 1935 en de toenemende steun aan de agressieve politiek van Duitsland en Italië zorgden voor een daling in populariteit en een interne crisis.
Samenwerking met de Duitsers
Tijdens de Duitse bezetting van Nederland collaboreerde de NSB openlijk met de bezetters. Ondanks hun status als enige toegestane partij en het verkrijgen van bestuurlijke functies, wist de NSB geen werkelijke macht te verwerven. De rol van de NSB beperkte zich voornamelijk tot het ondersteunen van de Duitse overheersing en het rekruteren van Nederlanders voor de Waffen-SS.
Neergang en nasleep
De neergang van de NSB werd versneld door de militaire nederlagen van de Duitsers en de groeiende oppositie van de Nederlandse bevolking. Na de ineenstorting van de NSB op Dolle Dinsdag en de uiteindelijke bevrijding van Nederland werd de partij verboden en werden haar leden berecht voor landverraad. De geschiedenis van de NSB eindigde roemloos en de partij verdween definitief van het toneel.
Historische beoordeling
De NSB wordt in de Nederlandse geschiedenis beschouwd als een verraderlijke beweging die koos voor collaboratie met de Duitse bezetters. De partij, die ooit een nationale heropleving nastreefde, faalde door haar ideologische extremisme en de onvoorwaardelijke steun aan Nazi-Duitsland. De nasleep van hun daden leidde tot strenge berechting en een blijvende veroordeling door de Nederlandse samenleving.
Bronnen en meer informatie
- Van den Doel, H.W. (2000). Nederland en de Tweede Wereldoorlog. Amsterdam: Boom.
- Warmenhoven, H. (1995). De NSB en de Nederlandse samenleving. Utrecht: Spectrum.
- De Jong, L. (1969). Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog. Den Haag: Staatsuitgeverij.
- Romijn, P. (1989). Snel, streng en rechtvaardig: politieke zuivering in Nederland na de Tweede Wereldoorlog. Amsterdam: Meulenhoff.
- Bronnen Mei1940









