Home Slagen, Veldtochten, Zeeslagen en Operaties Gold Beach op D-Day: Britse landing op 6 juni 1944

Gold Beach op D-Day: Britse landing op 6 juni 1944

Britse commando’s van 50th Infantry Division landen bij Gold Beach vanuit LCI’s, Normandië, 6 juni 1944
Britse commando’s van de 50th (Northumbrian) Infantry Division komen aan land bij Gold Beach tijdens D-Day, 6 juni 1944

Gold Beach was op 6 juni 1944 het Britse landingsgebied in het midden van de geallieerde invasie in Normandië. De landing maakte deel uit van Operatie Overlord en moest een bruggenhoofd opleveren tussen Omaha en Juno. De Britse troepen namen het strand in, bereikten Arromanches, maakten contact met Juno Beach en openden de weg naar Bayeux, al bleef de opmars op de eerste dag achter bij een deel van de planning.

Militaire en Politieke Situatie

De landing op Gold Beach vond plaats binnen Operatie Overlord, de geallieerde aanval op door Duitsland bezet Frankrijk. Sinds 1941 drong de Sovjet-Unie aan op een tweede front in West-Europa. In mei 1943 besloten de geallieerden op de Trident-conferentie in Washington tot een invasie van Noordwest-Europa. Een ontwerp van dat plan werd in augustus 1943 op de conferentie van Quebec aanvaard. Generaal Dwight D. Eisenhower kreeg het opperbevel over SHAEF en generaal Bernard Montgomery leidde de landstrijdkrachten voor de invasie.

De oorspronkelijke planning ging uit van een aanval in mei 1944, maar de uitbreiding van drie naar vijf landingsstranden vergde extra landingsvaartuigen en transportcapaciteit. Daardoor werd de operatie verschoven naar juni. Voor de geallieerden had dit naast een militair doel ook een politieke betekenis: het openen van een zelfstandig westelijk front naast het oostfront. Voor Duitsland betekende dit dat de Atlantikwall langs de Franse kust versneld werd uitgebouwd. Vanaf oktober 1943 liet veldmaarschalk Erwin Rommel de kustverdediging versterken met mijnen, palen, stalen obstakels, kazematten en extra steunpunten. De Duitse verdediging bleef echter afhankelijk van beperkte reserves en van de vraag of pantserdivisies op tijd konden worden ingezet.

Locatie

Gold Beach lag tussen Port-en-Bessin in het westen en La Rivière bij Ver-sur-Mer in het oosten. Het gebied besloeg ruim acht kilometer kust en vormde het middelste van de vijf landingszones op D-Day. Aan de westzijde maakten hoge kliffen een directe landing minder geschikt. Daarom concentreerde de landing zich op het vlakke strand tussen Le Hamel en La Rivière, in de sectoren Jig en King.

Achter het strand lagen zachte kuststroken en vervolgens open terrein dat overging in het Normandische bocage-landschap. Dat patroon van kleine velden, heggen en taluds vertraagde verplaatsingen in het binnenland. Arromanches lag binnen het Gold-gebied en werd gekozen als locatie voor een kunstmatige haven. Ook Bayeux, Ver-sur-Mer en Port-en-Bessin hadden betekenis door de wegen, kustverbindingen en bevoorrading.

Kaart met geallieerde invasieplanning en Duitse verdedigingslinies in Normandië voorafgaand aan de landing op 6 juni 1944
Overzichtskaart van de geallieerde invasieplannen en Duitse voorbereidingen langs de Normandische kust voorafgaand aan D-Day

Militaire Leiders

Gold Beach viel onder het Britse XXX Corps van luitenant-generaal Gerard Bucknall. De aanval op het strand werd uitgevoerd door de 50th (Northumbrian) Infantry Division onder bevel van generaal-majoor Douglas Graham. Op hoger niveau bepaalden Eisenhower en Montgomery de schaal en timing van de invasie.

Aan Duitse zijde werd de kuststrook verdedigd door onderdelen van de 716. Infanteriedivisie onder generaal-luitenant Wilhelm Richter en de 352. Infanteriedivisie onder generaal-luitenant Dietrich Kraiss. Rommel stuurde de algemene versterking van de Atlantikwall aan. De Duitse bevelsstructuur bleef verdeeld over het gebruik van reserves, wat de reactie op 6 juni vertraagde.

Doelstelling en planning

De Britse doelen op Gold Beach waren het vormen van een bruggenhoofd, het innemen van Arromanches en Bayeux, het bereiken van Port-en-Bessin en het leggen van verbindingen met de Amerikaanse troepen op Omaha Beach en de Canadese troepen op Juno Beach. Daarnaast moest de opmars richting Caen mogelijk worden gemaakt, al lag de nadruk op 6 juni eerst op het veiligstellen van het strand en de uitgangen landinwaarts.

De planning hield rekening met een zwaar verdedigde kust. Vooraf zouden bommenwerpers en de vloot Duitse stellingen aanvallen. Daarna moesten gespecialiseerde genie- en pantservoertuigen doorgangen openen door mijnenvelden en strandobstakels. H-Hour op Gold werd vastgesteld op 07:25, later dan op de Amerikaanse stranden, omdat het getij en de strandhindernissen anders lagen. Verkenningen hadden bovendien uitgewezen dat delen van het strand te zacht waren voor standaardvoertuigen. Daarom werden sommige AVRE-voertuigen aangepast om rijmatten uit te leggen en zo een doorgang voor zwaarder materieel mogelijk te maken.

Militaire eenheden

De aanval op Gold Beach werd uitgevoerd door de 50th (Northumbrian) Infantry Division. In de Jig-sector landden onder meer het 1st Battalion Hampshire Regiment, het 1st Battalion Dorsetshire Regiment en later het 2nd Battalion Devonshire Regiment van de 231st Infantry Brigade. In de King-sector landden het 5th Battalion East Yorkshire Regiment en het 6th en 7th Battalion Green Howards van de 69th Infantry Brigade. In de tweede golf volgden de 56th Infantry Brigade en de 151st Infantry Brigade voor de verdere opmars richting Bayeux en de wegen naar Caen.

Pantsersteun kwam van de 8th Armoured Brigade en van gespecialiseerde onderdelen van de 79th Armoured Division. De 4th/7th Royal Dragoon Guards en de Nottinghamshire Yeomanry brachten amfibische DD-tanks in actie. Westminster Dragoons gebruikten mijnenruimende voertuigen en assault squadrons van de Royal Engineers zetten AVRE-voertuigen in tegen bunkers en obstakels. Op zee leverde Bombarding Force K vuursteun, onder meer met HMS Ajax en HMS Argonaut. Naast Britse schepen namen ook andere geallieerde marines deel aan de zeemacht voor de landing.

De Duitse verdediging bestond uit onderdelen van de 716. en 352. Infanteriedivisie, ondersteund door kustartillerie en vaste steunpunten bij La Rivière, Le Hamel, Mont Fleury en Longues-sur-Mer. Ongeveer 2.000 Duitse militairen bevonden zich in de directe kustzone tussen Arromanches en Asnelles.

Britse troepen van 50th Division inspecteren uitgeschakeld Duits 50mm kanon op Gold Beach, 6 juni 1944
Soldaten van de 50th Division bekijken een uitgeschakeld Duits 50mm kanon in een stelling op Gold Beach tijdens D-Day

Het verloop van de landing op Gold Beach

In de nacht van 5 op 6 juni 1944 begonnen geallieerde bommenwerpers doelen langs de kust en verder landinwaarts aan te vallen. Op Gold Beach opende de vloot het vuur om 05:30. Kort daarna gingen de eerste Britse landingsboten op weg naar de kust. Door harde wind en ruwe zee werden de DD-tanks dichter bij het strand gelost dan gepland of rechtstreeks aan land gezet. Daardoor kwam de eerste infanterie onder zwaarder vuur te liggen dan in de oorspronkelijke planning was voorzien.

Op King landden de eerste eenheden om 07:25. Zij kregen direct vuur te verduren van de kazemat bij La Rivière, waar een 88 mm-kanon een lang schootsveld over het strand had. Britse infanteristen zochten dekking achter de zeewering, terwijl genisten en pantservoertuigen doorgangen begonnen te maken. La Rivière werd niet in één aanval genomen. Huizen en steunpunten moesten afzonderlijk worden gezuiverd, wat tijd kostte en verliezen veroorzaakte.

In de Jig-sector maakte de stelling bij Le Hamel de landing eveneens moeilijk. De 75 mm-kazemat daar was zwaar uitgevoerd en kon vuur langs het strand afgeven. Door stroming en navigatiefouten kwamen delen van de eerste golf bovendien oostelijker aan land dan bedoeld. De troepen van het Hampshire Regiment moesten daarom eerst uit de onmiddellijke vuurzone breken, waarna zij via het binnenland een aanval op de stelling van achteren opbouwden. Pas later op de dag werd Le Hamel uitgeschakeld, toen een AVRE-voertuig een zware lading in de achterzijde van de kazemat kon afvuren.

De batterij van Longues-sur-Mer vormde een afzonderlijk probleem. Deze stelling met vier zware kanonnen kon zowel de vloot als de landingszone bedreigen. Rond 06:20 schakelden HMS Ajax en HMS Argonaut drie van de vier stukken uit. Het vierde kanon hervatte later nog onregelmatig het vuur, maar de batterij gaf zich op 7 juni over. Ook bij Mont Fleury en Ver-sur-Mer moesten Britse infanterie, tanks en genisten de Duitse weerstand steunpunt voor steunpunt breken.

Ondanks deze weerstand kwamen de stranduitgangen geleidelijk in Britse handen. Op de oostflank maakte de 69th Infantry Brigade nog op D-Day contact met de Canadese troepen op Juno Beach. Op de westflank namen Britse troepen Arromanches in, de plaats waar later een Mulberry-haven werd opgebouwd. Company Sergeant Major Stanley Hollis ontving voor zijn optreden bij Mont Fleury het enige Victoria Cross dat op D-Day werd toegekend.

No. 47 (Royal Marine) Commando landde later op Gold en had als doel Port-en-Bessin te veroveren. Door ruwe zee, verlies van landingsvaartuigen en verspreiding bij het aan land gaan liep dit onderdeel vertraging op. De eenheid kon de haven daarom niet op 6 juni innemen, maar slaagde daar op 7 en 8 juni wel in. Bayeux, dat eveneens tot de vroege doelen behoorde, viel op 7 juni. Daarmee was Gold Beach bruikbaar geworden als uitgangspunt voor verdere operaties in Normandië.

Infanterie van de 50th Division rukt op bij St Gabriel in Normandië tijdens D-Day, 6 juni 1944
Soldaten van de 50th Division trekken op bij St Gabriel tijdens de gevechten in Normandië op 6 juni 1944

Resultaat

Tactisch was Gold Beach een geslaagde landing. De Britse troepen vestigden een bruggenhoofd, namen Arromanches in en maakten nog op 6 juni verbinding met Juno Beach. Niet alle dagdoelen werden gehaald, want Bayeux werd pas op 7 juni veroverd en de Britse opmars eindigde ongeveer zes kilometer voor enkele geplande eindpunten. Toch was het Duitse doel om de landing aan de kust te breken mislukt.

Strategisch leverde Gold Beach een vaste toegang op voor manschappen, voertuigen en voorraden. Dat werd later versterkt door de aanleg van de Mulberry-haven bij Arromanches en door het gebruik van Port-en-Bessin voor brandstofaanvoer. Politiek betekende het succes dat de westerse geallieerden een duurzaam front in Frankrijk hadden geopend. Maatschappelijk leidde de landing in de kuststrook tot verwoesting van bebouwing, verstoring van het burgerleven en de snelle overgang van bezet gebied naar een actief oorlogsgebied.

Miltaire en burger slachtoffers

De Britse verliezen op en rond Gold Beach worden doorgaans geraamd op ongeveer 1.000 tot 1.100 militairen tijdens de landing en de gevechten op 6 juni. Daarvan sneuvelden ongeveer 350 man. Binnen de 50th (Northumbrian) Infantry Division lagen de verliezen lager dan het totaalcijfer voor alle betrokken Britse onderdelen, omdat ook commando’s, genie-eenheden, marinepersoneel en ondersteunende formaties in de telling zijn opgenomen. De Duitse verliezen zijn niet nauwkeurig vast te stellen, maar ten minste ongeveer 1.000 Duitsers werden krijgsgevangen gemaakt.

De Britse verliezen konden op operationeel niveau worden opgevangen doordat in de Britse sector extra brigades en divisies voor vervolglandingen gereedstonden. Dat betekende niet dat uitgevallen ervaren infanteristen zonder verschil konden worden vervangen, maar het bruggenhoofd bleef sterk genoeg om de opmars voort te zetten. Voor de Duitse zijde was aanvulling lastiger, omdat kusttroepen statisch waren opgesteld en reserves onder geallieerd luchtoverwicht moesten worden verplaatst.

In de dorpen en kuststrook van het Gold-gebied vielen ook burgerslachtoffers. De aangeleverde brongegevens geven voor Gold Beach geen sluitend totaal, maar luchtbombardementen, scheepsgeschut en gevechten in bebouwd gebied veroorzaakten schade aan huizen, wegen en lokale voorzieningen in onder meer Le Hamel, La Rivière, Asnelles en Arromanches.

Materiele verliezen

Aan geallieerde zijde gingen landingsvaartuigen, tanks en genievoertuigen verloren of raakten zij beschadigd door mijnen, obstakels, vijandelijk vuur en de zware zee. Sommige DD-tanks kwamen te laat aan of vielen op het strand uit. Ook na 6 juni werd de opbouw vertraagd doordat 34 landing craft tank verloren gingen en slecht weer de vervolglandingen hinderde. Beschadigd materieel moest daarom worden geborgen, hersteld of vervangen, terwijl gespecialiseerde voertuigen zoals AVRE’s en mijnenruimers nodig bleven voor het openen en onderhouden van stranduitgangen.

Aan Duitse zijde gingen vaste kustverdedigingen verloren die niet snel konden worden vervangen. De batterij van Longues-sur-Mer werd uitgeschakeld, de stellingen bij La Rivière en Le Hamel werden geneutraliseerd en meerdere steunpunten langs de kust gingen verloren. Voor de geallieerden verbeterde de bevoorradingssituatie juist snel. Tegen het einde van D-Day waren bijna 25.000 militairen, ongeveer 2.100 voertuigen en rond 1.000 ton voorraden geland. Met Arromanches en later Port-en-Bessin konden munitie en brandstof in toenemende mate worden aangevuld. Voor Duitsland werd dat juist moeilijker door luchtbombardementen, verstoorde verbindingen en verlies van terrein.

Conclusie

De landing op Gold Beach bereikte het hoofddoel van de operatie: het vestigen van een blijvend Brits bruggenhoofd in Normandië. De planning werd slechts gedeeltelijk volgens tijdschema uitgevoerd, omdat de eerste golven meer weerstand ondervonden dan voorzien en Bayeux pas op 7 juni viel. Toch werden de stranduitgangen geopend, Arromanches ingenomen en de verbinding met Juno Beach gelegd.

Het resultaat had directe gevolgen voor de verdere strijd in West-Europa. Ondanks verliezen in manschappen en materieel bleven de Britse eenheden op Gold inzetbaar en groeide het strand uit tot een vaste aanvoerzone voor verdere operaties. Voor de Duitse zijde betekende het verlies van de kustverdediging dat een verdediging op de waterlijn niet meer haalbaar was. Gold Beach droeg daardoor rechtstreeks bij aan de vorming van het geallieerde front in Normandië.

Bronnen en meer informatie

  1. Afbeelding 1: Sgt Midgley, No 5 Army Film & Photographic Unit., Public domain, via Wikimedia Commons
  2. Afbeelding 2: See page for author, Public domain, via Wikimedia Commons
  3. Afbeelding 3: No 5 Army Film & Photographic Unit, Midgley (Sgt), Public domain, via Wikimedia Commons
  4. Afbeelding 4: Sergeant Parkinson No 5 Army Film & Photographic Unit, Public domain, via Wikimedia Commons
  5. Balkoski, Joseph (2005). Utah Beach: The Amphibious Landing and Airborne Operations on D-Day, June 6, 1944. Mechanicsburg, PA: Stackpole Books. ISBN 0-8117-0144-1.
  6. Beevor, Antony (2009). D-Day: The Battle for Normandy. New York; Toronto: Viking. ISBN 978-0-670-02119-2.
  7. Buckingham, William F. (2004). D-Day: The First 72 Hours. Stroud: Tempus. ISBN 978-0-7524-2842-0.
  8. Chappell, Mike (1987). British Battle Insignia (2): 1939–1940. Men-At-Arms. London: Osprey. ISBN 0-85045-739-4.
  9. de Zeng, Henry (2007). Bomber Units of the Luftwaffe 1933–1945: A Reference Source I. The Second World War. Hinckley: Midland Ian Allan. ISBN 978-1-85780-279-5.
  10. Doherty, Richard (2011). Hobart’s 79th Armoured Division at War: Invention, Innovation and Inspiration. Barnsley: Pen & Sword. ISBN 978-1-84884-398-1.
  11. Ellis, L.F.; Allen, G.R.G.; Warhurst, A.E. (2004) [1962]. Butler, J.R.M (ed.). Victory in the West, Volume I: The Battle of Normandy. History of the Second World War United Kingdom Military Series. London: Naval & Military Press. ISBN 1-84574-058-0.
  12. Ford, Ken; Zaloga, Steven J (2009). Overlord: The D-Day Landings. Oxford; New York: Osprey. ISBN 978-1-84603-424-4.
  13. Gilbert, Martin (1989). The Second World War: A Complete History. New York: H. Holt. ISBN 978-0-8050-1788-5.
  14. Goldstein, Donald M.; Dillon, Katherine V.; Wenger, J. Michael (1994). D-Day: The Story and Photographs. McLean, Virginia: Brassey’s. ISBN 0-02-881057-0.
  15. Holt, Tonie; Holt, Valmai (2009). Major and Mrs Holt’s Pocket Battlefield Guide to Normandy Landing Beaches. Barnsley: Pen & Sword Military. ISBN 978-1-84884-079-9.
  16. Joslen, Hubert F. (2003) [1960]. Orders of Battle, United Kingdom and Colonial Formations and Units in the Second World War, 1939–1945. Uckfield: Naval & Military Press. ISBN 1-843424-74-6.
  17. Marie, Henri (2004) [1993]. Villers-Bocage: Normandy 1944. Bayeux: Editions Heimdal; Bilingual edition. ISBN 978-2-84048-173-7.
  18. Rogers, Joseph & David (2012). D-Day Beach Force: The Men who Turned Chaos into Order (1st ed.). Stroud: The History Press. ISBN 978-0-7524-6330-8.
  19. Routledge, N.W. (1994). History of the Royal Regiment of Artillery: Anti-Aircraft Artillery 1914–55. London: Brassey’s. ISBN 1-85753-099-3.
  20. Taylor, Daniel (1999). Villers-Bocage: Through the Lens of the German War Photographer. Old Harlow: Battle of Britain International. ISBN 1-870067-07-X.
  21. Trew, Simon (2004). Gold Beach. Battle Zone Normandy. Stroud, Gloucestershire: Sutton. ISBN 0-7509-3011-X.
  22. Weinberg, Gerhard (1995) [1993]. A World At Arms: A Global History of World War II. Cambridge: Cambridge University Press. ISBN 978-0-521-55879-2.
  23. Whitmarsh, Andrew (2009). D-Day in Photographs. Stroud: History Press. ISBN 978-0-7524-5095-7.
  24. Wilmot, Chester (1997) [1952]. The Struggle For Europe. Ware, Hertfordshire: Wordsworth Editions. ISBN 1-85326-677-9.
  25. Yung, Christopher D. (2006). Gators of Neptune: Naval Amphibious Planning for the Normandy Invasion. Annapolis: Naval Institute Press. ISBN 1-59114-997-5.
  26. Zuehlke, Mark (2004). Juno Beach: Canada’s D-Day Victory: June 6, 1944. Vancouver: Douglas & McIntyre. ISBN 1-55365-050-6.
  27. Ambrose, Stephen (1993). D-Day June 6, 1944: The Climactic Battle of World War II. New York: Simon & Schuster. ISBN 978-0-671-67334-5.
  28. Converse, Allan (2011). Armies of Empire: The 9th Australian and 50th British Divisions in Battle, 1939–1945. Port Melbourne, Victoria: Cambridge University Press. ISBN 978-0-521-19480-8.
  29. Holborn, Andrew (2015). The D-Day Landing on Gold Beach: 6 June 1944. London; New York: Bloomsbury. ISBN 978-1-4411-3817-0.
  30. Holborn, Andrew (2010). The 56th Infantry Brigade and D-day: An Independent Infantry Brigade and the Campaign in North-West Europe 1944–1945. Bloomsbury Studies in Military History. London: Continuum. ISBN 978-1-441-11908-7.
  31. Bronnen voor historisch onderzoek 1800–1946