Home Personen Japan Admiraal Seiichi Itō en de ondergang van de Yamato

Admiraal Seiichi Itō en de ondergang van de Yamato

Portret van admiraal Seiichi Itō van de Keizerlijke Japanse Marine, bevelhebber tijdens de laatste missie van de Yamato in 1945.
Seiichi Itō, viceadmiraal van de Keizerlijke Japanse Marine, leidde de fatale missie van de Yamato in april 1945.

Seiichi Itō (伊藤 整一, Itō Seiichi; 26 juli 1890 – 7 april 1945) was een Japanse marineofficier die diende als admiraal in de Keizerlijke Japanse Marine. Hij speelde een leidende rol tijdens de laatste fase van de Pacifische Oorlog en was bevelhebber van de taskforce rond het slagschip Yamato tijdens de laatste missie van het schip. Zijn loopbaan weerspiegelt de opkomst en ondergang van de Japanse zeemacht in de eerste helft van de twintigste eeuw.

Vroege leven en opleiding

Seiichi Itō werd geboren op 26 juli 1890 in het dorp Takada in het district Miike (tegenwoordig onderdeel van de stad Miyama) in de prefectuur Fukuoka, Japan. Hij werd toegelaten tot de Keizerlijke Japanse Marineacademie, waar hij in 1911 afstudeerde als 15e van een klas van 148 cadetten. Tijdens zijn opleiding en vroege loopbaan diende hij als adelborst aan boord van de kruiser Aso en het slagschip Aki.

Na zijn promotie tot vaandrig op 1 december 1912 volgden verdere promoties tot onderluitenant (1914) en luitenant (1917). In 1923 keerde Itō terug naar de Stafschool van de Keizerlijke Marine, waar hij afstudeerde als luitenant-ter-zee der eerste klasse.

Deelname aan de Eerste Wereldoorlog

Tijdens de Eerste Wereldoorlog was de Keizerlijke Japanse Marine voornamelijk actief in secundaire operaties in de Stille Oceaan en de Indische Oceaan. Itō’s betrokkenheid beperkte zich tot operationele en opleidingsfuncties, zonder directe deelname aan gevechtsoperaties aan het Westfront. Hij diende op diverse marineschepen en ontwikkelde zich tot een deskundige officier met kennis van buitenlandse marineoperaties.

In 1927 bezocht Itō de Verenigde Staten als onderdeel van een militaire observatie en studiebezoek. Deze reis versterkte zijn inzicht in de omvang van de Amerikaanse industriële capaciteit. Hij werd bij zijn terugkeer bevorderd tot commandant en in 1931 tot kapitein-ter-zee.

Interbellum: diplomatie en bevelen

Van maart 1932 tot november 1933 was Itō aangesteld als marineattaché in Mantsjoekwo, het Japanse marionettenregime in noordoostelijk China. In deze periode werkte hij samen met andere officieren, waaronder admiraal Isoroku Yamamoto, en pleitte hij voor het behouden van vreedzame betrekkingen met de Verenigde Staten, mede vanwege de economische en industriële ongelijkheid tussen beide landen.

Na zijn diplomatieke functie kreeg Itō het commando over verschillende marineschepen. In november 1933 werd hij commandant van de lichte kruiser Kiso. Vervolgens kreeg hij het bevel over de zware kruisers Mogami (1935) en Atago (1936). Later in 1936 werd hij aangesteld als bevelhebber van het slagschip Haruna, een schip dat reeds actief was geweest tijdens de Eerste Wereldoorlog.

Op 1 december 1937 werd Itō bevorderd tot schout-bij-nacht en aangesteld als chef-staf van de 2e Vloot. Het jaar daarop kreeg hij een functie binnen het Personeelsbureau van het Marineministerie. Van 1940 tot 1941 voerde hij het bevel over de 8e Kruiservloot.

Deelname aan de Tweede Wereldoorlog

In april 1941 werd Itō benoemd tot chef-staf van de Gecombineerde Vloot, een centrale operationele structuur binnen de Keizerlijke Japanse Marine. In september van datzelfde jaar werd hij vicechef van de Generale Staf van de Marine. Op 15 oktober 1941 volgde zijn bevordering tot viceadmiraal, waarmee hij een invloedrijke positie innam in de strategische besluitvorming aan de vooravond van de oorlog met de Verenigde Staten.

Itō bleef tot december 1944 actief binnen de maritieme staf. Daarna werd hij benoemd tot bevelhebber van de 2e Vloot, die gestationeerd was in de Binnenzee van Japan. In deze functie werd hij belast met de uitvoering van Operation Ten-Go (天號作戦), een zelfmoordmissie van de resterende zeemacht tegen de Amerikaanse invasiemacht bij Okinawa.

Operation Ten-Go en de ondergang van de Yamato

In april 1945 werd Itō aangewezen als commandant van de aanvalsmissie waarbij het slagschip Yamato, de lichte kruiser Yahagi en acht torpedobootjagers betrokken waren. Het doel van deze operatie was om geallieerde eenheden voor de kust van Okinawa aan te vallen in een poging de geallieerde opmars te vertragen.

Itō was aanvankelijk tegen deze missie en beschouwde deze als tactisch onverantwoord en strategisch zinloos. Na overleg met de keizerlijke staf en de mededeling dat de keizer een maritieme actie verwachtte, besloot hij de missie toch uit te voeren. Op 7 april 1945 werd de taskforce door Amerikaanse verkenningsvliegtuigen ontdekt. Geallieerde vliegdekschepen lanceerden honderden vliegtuigen die de Japanse schepen aanvielen. Zonder luchtsteun of luchtafweer vanuit Japan werden de schepen binnen enkele uren tot zinken gebracht.

De Yamato werd getroffen door ten minste tien torpedo’s en meerdere bommen. Nadat hij de operatie had afgebroken en de resterende torpedobootjagers opdracht had gegeven om overlevenden te redden, koos Itō ervoor om aan boord van de Yamato te blijven en met het schip ten onder te gaan .

Militaire rangen

  • 1 december 1912 – Vaandrig
  • 1 december 1914 – Onderluitenant
  • 1 december 1917 – Luitenant
  • 1923 – Luitenant-ter-zee der eerste klasse
  • 1927 – Commandant
  • 1 december 1931 – Kapitein-ter-zee
  • 1 december 1937 – Schout-bij-nacht
  • 15 oktober 1941 – Viceadmiraal
  • Postuum (na 7 april 1945) – Admiraal

Onderscheidingen

Over specifieke onderscheidingen die aan Seiichi Itō zijn toegekend is weinig publiek beschikbare documentatie. Wel staat vast dat hij postuum werd bevorderd tot admiraal, wat binnen de Japanse krijgsmacht een gebruikelijke erkenning was voor bevelhebbers die tijdens gevechtshandelingen omkwamen.

Na de oorlog

Na de ondergang van de Yamato op 7 april 1945 werd Seiichi Itō als vermist opgegeven en kort daarna officieel dood verklaard. De Japanse marine verleende hem postuum de rang van admiraal. Zijn dood symboliseerde het einde van de Keizerlijke Japanse Marine als een strategische slagkracht in de Stille Oceaan.

Tien dagen na de dood van Itō kwam ook zijn enige zoon om het leven bij een kamikaze-aanval tijdens de Slag om Okinawa. Deze gebeurtenissen weerspiegelen de wanhopige situatie waarin Japan zich in het laatste oorlogsjaar bevond.

De aanval van de Yamato tijdens Operation Ten-Go markeerde de laatste grootschalige poging van de Japanse marine om de Amerikaanse opmars te stoppen. De verpletterende nederlaag bevestigde de suprematie van de geallieerde zeemacht en luidde het definitieve verlies van Japanse controle over de zee in.

Culturele representaties

Het leven en de dood van Seiichi Itō hebben in de naoorlogse Japanse cinema meerdere keren aandacht gekregen. Hij werd geportretteerd in verschillende Japanse films die de oorlogservaringen van Japan trachtten te verwerken en vast te leggen.

  • In Senkan Yamato (1953), geregisseerd door Yutaka Abe, werd Itō gespeeld door Minoru Takada.
  • In Taiheiyo no tsubasa (1963), geregisseerd door Shūe Matsubayashi, vertolkte Susumu Fujita de rol van Itō.
  • In Rengō Kantai (1981), opnieuw onder regie van Matsubayashi, werd Itō gespeeld door Kōji Tsuruta.
  • In Otokotachi no Yamato (2005), geregisseerd door Junya Satō en uitgebracht door Toei, werd Itō vertolkt door acteur Tetsuya Watari.

Deze films dragen bij aan de publieke herinnering aan Itō, waarbij zijn rol als bevelhebber van de Yamato vaak wordt neergezet in het kader van opoffering en plichtsbesef.

Conclusie

Seiichi Itō had een lange en veelzijdige carrière binnen de Keizerlijke Japanse Marine. Zijn loopbaan weerspiegelde de ontwikkeling van Japan als maritieme macht van het begin van de twintigste eeuw tot de ondergang in 1945. Hij was een tegenstander van een directe confrontatie met de Verenigde Staten, maar werd uiteindelijk commandant van een zelfmoordmissie die het verlies van de Japanse zeemacht bezegelde.

Zijn leven staat symbool voor de dilemma’s waarmee Japanse militaire leiders werden geconfronteerd tijdens de Tweede Wereldoorlog: strategische beperkingen, politieke druk en persoonlijke verantwoordelijkheid. De dood van Itō en de vernietiging van de Yamato zijn representatief voor het einde van het Japanse militaire expansionisme.

Bronnen en meer informatie

  1. Afbeelding: Yushuan Museum, Tokyo and [1], Public domain, via Wikimedia Commons
  2. Bennett, Geoffrey (2005). Naval Battles of the First World War. Barnsley: Pen & Sword Military Classics. ISBN 978-1-84415-300-8.
  3. Feifer, George (2001). The Battle of Okinawa: The Blood and the Bomb. Guilford: The Lyons Press. ISBN 1-58574-215-5.
  4. Hara, Tameichi (1961). Japanese Destroyer Captain. New York & Toronto: Ballantine Books. ISBN 0-345-27894-1.
  5. O’Connor, Raymond (1969). The Japanese Navy in World War II. Annapolis, Maryland: Naval Institute Press. ISBN 978-1-59114-568-9.
  6. Spurr, Russell (1995). A Glorious Way to Die: The Kamikaze Mission of the Battleship Yamato, April 1945. New York: Newmarket Press. ISBN 1-55704-248-9.
  7. Yoshida, Mitsuru; Minear, Richard H. (1999). Requiem for Battleship Yamato. Annapolis, Maryland: Naval Institute Press. ISBN 1-55750-544-6.
  8. Bronnen voor historisch onderzoek 1800–1946