Wilhelm List was een hoge Duitse militair die tijdens de Tweede Wereldoorlog een leidende rol speelde in verschillende Duitse veldtochten, waaronder die in Polen, Frankrijk en de Balkan. Hij werd geboren in 1880 in het koninkrijk Württemberg en bouwde een militaire loopbaan op die hem uiteindelijk tot de rang van veldmaarschalk bracht. Na de oorlog werd hij veroordeeld voor oorlogsmisdaden vanwege zijn betrokkenheid bij vergeldingsmaatregelen tegen burgers in bezette gebieden.
Vroege leven en opleiding
Wilhelm List werd op 14 mei 1880 geboren in Oberkirchberg, een plaats in het huidige Baden-Württemberg. Hij was de zoon van arts Walter List (1853–1907) en groeide op in een burgerlijk milieu. Na het afronden van het Luitpold-Gymnasium in München koos hij voor een militaire loopbaan en trad in 1898 als vrijwilliger toe tot het 1e Pionierbataljon van de Beierse legerstructuur.
Hij werd in 1900 bevorderd tot Leutnant en kreeg een aanstelling bij het 3e Pionierbataljon. In de daaropvolgende jaren volgde hij een opleiding aan de Artillerie- en Genie-School en was vervolgens actief als adjudant bij een bataljon. Van 1908 tot 1911 volgde hij de prestigieuze Beierse Kriegsakademie. Deze opleiding gaf hem toegang tot het Generalstabswesen (de generale staf), het militaire spoorwegwezen en het onderwijs in fortificatieoorlogvoering.
Deelname aan de Eerste Wereldoorlog
Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in 1914 werd List aangesteld als stafofficier bij het IIe Beierse Legerkorps. Tijdens de oorlog klom hij op in de militaire rangen. In 1915 werd hij ernstig ziek en moest hij tijdelijk worden vervangen. Na zijn herstel vervulde hij een aantal stabsfuncties bij legeronderdelen aan het westelijk front, waaronder de Armee-Abteilung Strantz en de 8e Beierse Reserve-Divisie.
Gedurende deze periode werd hij onderscheiden met meerdere decoraties voor zijn militaire inzet. Onder deze onderscheidingen bevonden zich het IJzeren Kruis in zowel de eerste als de tweede klasse, het Ridderkruis van de Huisorde van Hohenzollern met Zwaarden en diverse onderscheidingen van bondgenoten zoals Oostenrijk-Hongarije en Bulgarije. In januari 1918 werd hij bevorderd tot de rang van majoor.
Interbellum: loopbaan in de Reichswehr
Na het einde van de oorlog bleef List actief in het leger, dat na het Verdrag van Versailles was omgevormd tot de Reichswehr. In deze periode was hij onder meer betrokken bij het Freikorps Epp, dat zich in 1919 inzette tegen de revolutionaire Radenrepubliek in Beieren.
Tussen 1923 en 1924 was hij bataljonscommandant in het 19e Beierse Infanterieregiment in Kempten, waar de nadruk lag op bergopleiding. In de jaren die volgden specialiseerde List zich in militaire scholing en opleiding. Hij was onder meer verantwoordelijk voor de opleiding van stafofficieren en het militair onderwijs binnen Wehrkreis VII (München). In 1926 kreeg hij een aanstelling in het Reichswehrministerium als hoofd van de afdeling militaire opleiding.
List werd in 1930 benoemd tot commandant van de Infanterieschool in Dresden. Hij werd in deze periode achtereenvolgens bevorderd tot Generalmajor (1930) en Generalleutnant (1932).
Deelname aan de Tweede Wereldoorlog
Invasie van Polen (1939)
Aan het begin van de Tweede Wereldoorlog kreeg Wilhelm List het commando over het 14e Leger. Deze eenheid maakte deel uit van de zuidelijke vleugel van de Duitse aanval op Polen, die op 1 september 1939 begon. Zijn troepen rukten op vanuit Slowakije met als doel de Poolse strijdkrachten ten zuiden van Warschau te omsingelen. Hoewel de hoofddoelen van de omsingeling niet volledig werden gerealiseerd, slaagde het Duitse leger er in korte tijd in de Poolse verdediging te doorbreken. De opmars van de Sovjet-Unie in Oost-Polen op 17 september 1939, conform het Molotov-Ribbentrop Pact, versnelde het einde van de campagne.
Na de Poolse capitulatie bleef Lists 14e Leger gelegerd in Polen als bezettingsmacht. Voor zijn rol in de campagne ontving hij het Ridderkruis van het IJzeren Kruis op 30 september 1939.
Veldtocht in Frankrijk (1940)
In het voorjaar van 1940 nam List het bevel over het 12e Leger. Deze eenheid was onderdeel van Heeresgruppe A, onder leiding van Gerd von Rundstedt. De aanval via de Ardennen vormde een centraal onderdeel van de Duitse strategie tijdens de invasie van Frankrijk. De snelle doorbraak van Lists leger bij Sedan droeg bij aan het omsingelen van Franse en Britse troepen en leidde tot de val van Frankrijk in juni 1940.
Als erkenning voor zijn aandeel in de militaire overwinning werd Wilhelm List op 19 juli 1940 bevorderd tot Generalfeldmarschall tijdens een plechtigheid op de Berlijnse Rijkskanselarij, waarbij twaalf generaals deze rang kregen.
Campagnes in Joegoslavië en Griekenland (1941)
In het voorjaar van 1941 werd List opnieuw belast met een offensieve operatie: de aanval op Joegoslavië en Griekenland. Deze Balkan-campagne was bedoeld om de zuidflank van Duitsland te beveiligen voorafgaand aan de geplande invasie van de Sovjet-Unie.
Op 6 april 1941 begon de operatie. Het 12e Leger, onder zijn bevel, viel Joegoslavië en Griekenland binnen. Belgrado werd op 13 april ingenomen, en Athene op 27 april. Beide landen capituleerden in april 1941. Tijdens de bezetting gaf List opdracht tot de bouw van gijzelaarskampen in bezet gebied. Hieruit konden burgers worden geselecteerd voor executie als vergeldingsmaatregel bij aanslagen door partizanen.
Op 17 oktober 1941 gaf hij het bevel tot de massale executie van ruim 200 burgers in de dorpen Ano en Kato Kerdylia. Dergelijke acties leidden na de oorlog tot zijn vervolging wegens oorlogsmisdaden.
Wegens ziekte droeg List eind oktober 1941 zijn commando over en trok zich tijdelijk terug uit actieve dienst.
Oostfront en het zomeroffensief van 1942
In juli 1942 werd List benoemd tot bevelhebber van Heeresgruppe A aan het oostfront. Deze eenheid had de opdracht om Rostov aan de Don te veroveren en door te stoten naar de olievelden van Maikop en Grozny in de Kaukasus. Deze operatie, bekend als Fall Blau, moest de Duitse oorlogseconomie voorzien van oliebronnen.
Hoewel de opmars aanvankelijk succesvol verliep, stuitte het Duitse offensief eind augustus op zware tegenstand. Logistieke problemen, een tekort aan bevoorrading en de verplaatsing van luchtsteuneenheden richting Stalingrad verzwakten de aanvalskracht van Heeresgruppe A. Op 9 september 1942 werd List uit zijn functie ontheven, nadat hij had voorgesteld troepen te herpositioneren om de doorbraak te ondersteunen. Hitler beschouwde dit als besluiteloosheid en nam tijdelijk zelf het commando over. Uiteindelijk werd Paul Ludwig Ewald von Kleist aangesteld als zijn opvolger.
Na zijn ontslag werd List niet meer opgeroepen voor een militaire functie. Hij verbleef de rest van de oorlog in zijn woning in Garmisch-Partenkirchen.
Na de oorlog
Na de capitulatie van nazi-Duitsland in mei 1945 werd Wilhelm List door de Amerikaanse autoriteiten gearresteerd. In 1947 werd hij aangeklaagd tijdens het zogenoemde Geiselprozess (Hostages Trial), onderdeel van de Neurenberger processen tegen hooggeplaatste Duitse militairen.
Hij werd veroordeeld wegens oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid, waaronder de uitvoering van vergeldingsmaatregelen en gijzeling van burgers in bezet Joegoslavië. In zijn verweer stelde List dat zijn handelingen noodzakelijk waren in een omgeving waar partizanenoorlogvoering het reguliere oorlogsrecht ondermijnde. De rechtbank wees dit argument af en veroordeelde hem in februari 1948 tot levenslange gevangenisstraf.
Op 31 januari 1951 wees de Amerikaanse Hoge Commissaris John J. McCloy een gratieverzoek af. Daarbij benadrukte hij dat Lists bevelen niet slechts illegale instructies van bovenaf waren, maar zelfstandige initiatieven tot terrorisatie van de burgerbevolking.
List werd in december 1952 vrijgelaten wegens slechte gezondheid en bracht zijn laatste levensjaren door in Garmisch-Partenkirchen, waar hij op 17 augustus 1971 op 91-jarige leeftijd overleed.
Militaire rangen
Tijdens zijn militaire loopbaan bekleedde Wilhelm List de volgende rangen binnen het Duitse leger:
- Leutnant (1900)
- Hauptmann (1913)
- Major (1918)
- Oberstleutnant (1924)
- Oberst (1927)
- Generalmajor (1930)
- Generalleutnant (1932)
- General der Infanterie (1935)
- Generaloberst (1939)
- Generalfeldmarschall (1940)
Onderscheidingen
Wilhelm List werd tijdens zijn carrière onderscheiden met diverse decoraties uit Duitsland en bevriende staten. Enkele daarvan zijn:
- IJzeren Kruis (1914), 1e en 2e klasse
- Ridderkruis van de Huisorde van Hohenzollern met Zwaarden
- Ridderkruis van het IJzeren Kruis (30 september 1939)
- Militaire Verdiensteorde (Beieren), 4e klasse met zwaarden en kroon
- Ridderkruis van de Orde van Militaire Verdienste (Bulgarije)
- Militaire Verdienstkruis (Oostenrijk-Hongarije), 3e klasse met oorlogsonderscheiding
- Ridderkruis van de Friedrichs-Orde (Württemberg)
- Verwundetenabzeichen in zwart (1918)
Conclusie
Wilhelm List was een militair die zijn carrière begon in het keizerlijke Duitsland en doorgroeide tot veldmaarschalk in de Wehrmacht tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hij was betrokken bij een reeks militaire operaties, waaronder de invasies van Polen, Frankrijk, Joegoslavië en Griekenland, en het Duitse zomeroffensief in de Sovjet-Unie in 1942. Zijn naam wordt echter vooral geassocieerd met de gewelddadige repressie tegen burgers in de Balkan, waarvoor hij na de oorlog werd berecht en veroordeeld.
Hoewel List niet bekend stond als overtuigd nationaalsocialist, voerde hij wel bevelen uit die resulteerden in ernstige schendingen van het oorlogsrecht. De nasleep van zijn daden illustreert de spanning tussen militaire bevelvoering en persoonlijke verantwoordelijkheid binnen een totalitair regime. Zijn veroordeling benadrukt de normen die na 1945 werden gesteld aan de behandeling van burgers en krijgsgevangenen tijdens gewapende conflicten.
Bronnen en meer informatie
- Afbeelding: Bundesarchiv, Bild 183-S36487 / CC-BY-SA 3.0, CC BY-SA 3.0 DE, via Wikimedia Commons
- Fellgiebel, Walther-Peer (2000). Die Träger des Ritterkreuzes des Eisernen Kreuzes 1939–1945. Friedberg: Podzun-Pallas. ISBN 978-3-7909-0284-6.
- Hayward, Joel S. A. (1998). Stopped at Stalingrad: The Luftwaffe and Hitler’s Defeat in the East, 1942–1943. Lawrence: University Press of Kansas. ISBN 978-0-7006-1146-1.
- Bronnen voor historisch onderzoek 1800–1946










