Home Slagen, Veldtochten, Zeeslagen en Operaties Operatie Abstention: Slag om Kastellorizo 1941

Operatie Abstention: Slag om Kastellorizo 1941

Kaart van de Egeïsche Zee met oorlogsschepen nabij Kastellorizo tijdens Operatie Abstention in februari 1941.
Britse en Italiaanse oorlogsschepen nabij Kastellorizo tijdens Operatie Abstention, februari 1941, afgebeeld op een kaart van de regio.

Operatie Abstention vond plaats tussen 25 en 28 februari 1941 en betrof een Britse poging om het Griekse eiland Kastellorizo (Kastelorizo), gelegen nabij de zuidwestelijke kust van Turkije, te bezetten. Het eiland, onder Italiaanse controle, moest dienen als basis voor Britse motor-torpedoboten om de bevoorrading van de Asmogendheden in de Egeïsche Zee te verstoren. De operatie liep echter uit op een mislukking en benadrukte de tekortkomingen in de Britse voorbereiding en coördinatie, alsmede de Italiaanse militaire tegenreactie.

Militaire en Politieke Situatie

In de maanden voorafgaand aan Operatie Abstention hadden de Britse strijdkrachten een reeks successen geboekt in Noord-Afrika, waaronder Operatie Compass tegen Italiaanse troepen in Libië. Tegelijkertijd was de Britse marine erin geslaagd om bij Tarente de Italiaanse vloot zware schade toe te brengen. Desondanks bleven de Italiaanse eenheden in de Egeïsche Zee actief, en vormden ze een bedreiging voor de geallieerde aanvoerroutes tussen Egypte en Griekenland. De Britse marineleiding onder admiraal Andrew Cunningham wilde de Italiaanse aanwezigheid in het gebied terugdringen.

De controle over de Dodekanesos, een eilandengroep die sinds 1912 in Italiaanse handen was, werd gezien als een strategisch voordeel. Kastellorizo, het oostelijkste eiland van deze archipel, bood een potentiële uitvalsbasis voor maritieme operaties richting de rest van de Dodekanesos en de Turkse kust. In Londen en Alexandrië werd besloten tot een verrassingsaanval om het eiland in te nemen en de basis uit te bouwen tot een permanent bruggenhoofd.

Locatie

Kastellorizo ligt ongeveer 2 kilometer van de Turkse zuidkust en op ongeveer 115 kilometer afstand van het Italiaanse hoofdkwartier op Rhodos. Het eiland was klein, bergachtig en relatief afgezonderd. De natuurlijke haven bood enige bescherming, maar het eiland beschikte over weinig verdedigingsinfrastructuur. De nabijheid van het neutrale Turkije en de Italiaanse marinebasis op Rhodos maakte het echter gevoelig voor tegenaanvallen en diplomatieke complicaties.

Militaire Leiders

De Britse operatie stond onder bevel van kapitein ter zee Edward Renouf, met ondersteuning van admiraal Andrew Cunningham, bevelhebber van de Middellandse Zeevloot. De Italiaanse tegenreactie werd geleid door viceadmiraal Luigi Biancheri, bevelhebber van de Italiaanse zeemacht in de Egeïsche Zee. Kapitein ter zee Henry Egerton nam op een later moment het bevel over van de zieke Renouf, wat de Britse coördinatie verder bemoeilijkte.

Doelstelling

Het hoofddoel van Operatie Abstention was het veroveren van Kastellorizo en het oprichten van een basis voor motor-torpedoboten (MTB’s). Deze basis moest Italiaanse bevoorrading tussen de Dodekanesos en het Griekse vasteland onderbreken. De Britten hoopten bovendien dat de aanval zou bijdragen aan een bredere geallieerde opmars in de Egeïsche Zee en mogelijk tot Turkse medewerking zou leiden. Ondanks deze ambities was de operatie slechts beperkt voorbereid en werd het belang van Italiaanse lucht- en zeemacht onderschat.

Militaire Eenheden

Britse strijdkrachten:

Italiaanse strijdkrachten:

  • Torpedoboten Lupo en Lince
  • Destroyers Francesco Crispi en Quintino Sella
  • Motortorpedoboten MAS 546 en MAS 561
  • Verdedigingseenheid op Kastellorizo: circa 35 soldaten en Guardia di Finanza-agenten
  • Versterkingen: 240 infanteristen en 88 mariniers die later werden aangevoerd vanuit Rhodos.

Het Verloop van de Operatie

24–25 februari 1941: Britse Landing en Eerste Successen

Op 24 februari vertrokken Britse commando-eenheden vanuit de baai van Suda (Kreta), aan boord van HMS Decoy en HMS Hereward. Een detachement van 24 mariniers werd vervoerd met HMS Ladybird. In de vroege uren van 25 februari landden ongeveer vijftig commando’s via roeiboten bij Nifti Point, een afgelegen plek ten zuiden van de hoofdplaats op Kastellorizo. Tegelijkertijd namen de mariniers de haven in. Deze verrassingsaanval werd mogelijk gemaakt door de ondersteuning van de onderzeeër HMS Parthian, die eerder verkenningen had uitgevoerd en fungeerde als navigatiebaken.

De Italiaanse verdediging op het eiland bestond uit een kleine eenheid van 35 soldaten en douaneagenten. De Britten wisten snel het radiostation en meerdere strategische punten in te nemen. Daarbij werden dertien Italiaanse militairen uitgeschakeld, onder wie twaalf gevangengenomen. Ondanks deze eerste successen slaagde de Italiaanse bezetting er nog in om een noodsignaal naar Rhodos te versturen.

25 februari: Italiaanse Luchtaanvallen

Kort na de Britse landing begon de Italiaanse luchtmacht, de Regia Aeronautica, met luchtaanvallen op Britse stellingen op het eiland. Tussen 08:00 en 09:30 uur bombardeerden Italiaanse bommenwerpers het kasteel bij de haven en de heuvels waar de commando’s zich hadden ingegraven. HMS Ladybird werd getroffen door een bom, waarbij drie bemanningsleden gewond raakten. Door brandstoftekort werd het schip gedwongen zich terug te trekken naar Haifa, waardoor de radiocommunicatie tussen de troepen op het eiland en de Britse basis in Alexandrië werd verbroken.

Het geplande transport van versterkingen met het schip HMS Rosaura, met aan boord een compagnie van het Sherwood Foresters-regiment, werd hierdoor geannuleerd. De situatie op het eiland verslechterde door het gebrek aan communicatie en luchtsteun.

26–27 februari: Italiaanse Tegenaanval

Op de avond van 26 februari begon de Italiaanse marine met een tegenaanval. De torpedoboten Lupo en Lince landden 240 Italiaanse soldaten ten noorden van de haven. Tegelijkertijd beschoten zij Britse stellingen met 99 mm kanonnen. Hierbij vielen drie doden en zeven gewonden aan Britse zijde. Italiaanse oorlogsschepen evacueerden ook burgers uit de stad, uit vrees voor verdere gevechten.

Op 27 februari volgde een tweede Italiaanse landing. Vanwege slechte weersomstandigheden vond deze plaats in de ochtend. Extra Italiaanse eenheden, waaronder 258 soldaten en 80 mariniers, werden ontscheept door Francesco Crispi en Quintino Sella. De uitgeputte Britse commando’s, die slechts waren uitgerust voor een operatie van 24 uur, trokken zich terug naar hun oorspronkelijke landingszone bij Nifti Point. Daar werden zij onder vuur genomen door Italiaanse schepen. Een groep Britse soldaten hield stand in het gebied rond de begraafplaats.

27–28 februari: Mislukte Britse Versterkingen en Terugtrekking

Ondanks pogingen van HMS Hero, HMS Jaguar en HMS Decoy om Italiaanse versterkingen te onderscheppen, werd geen contact gemaakt met vijandelijke eenheden. De geplande Britse versterking door troepen van HMS Rosaura werd opnieuw vertraagd door de vijandelijke lucht- en zeedreiging. Het bevel werd overgenomen door kapitein Egerton van HMS Bonaventure, nadat Renouf door ziekte was uitgeschakeld. Deze wisseling in leiding verergerde de coördinatieproblemen.

Op 28 februari landde alsnog een peloton van het Sherwood Foresters-regiment op het eiland, maar trof daar slechts verlaten stellingen, een dode en twee overlevende commando’s aan. Na overleg met andere officieren concludeerde majoor Cooper dat het vasthouden van de positie militair onverantwoord was. De Britse troepen werden opnieuw ingescheept en geëvacueerd. Tijdens de aftocht werd HMS Jaguar beschoten door de Crispi, maar zonder zware schade. De operatie werd officieel gestaakt.

Uitkomst van de Operatie

Operatie Abstention eindigde op 28 februari 1941 met een volledige Britse terugtrekking van Kastellorizo. De Italiaanse troepen heroverden het eiland en consolideerden hun positie. De Britse operatie, bedoeld als aanzet tot bredere geallieerde activiteiten in de Dodekanesos, mislukte volledig. De belangrijkste oorzaken hiervoor waren gebrekkige voorbereiding, onderschatting van de Italiaanse lucht- en zeemacht, en een gebrek aan effectieve communicatie en coördinatie binnen de Britse bevelstructuur.

Admiraal Andrew Cunningham noemde de operatie “een rampzalige onderneming” en stelde kapitein ter zee Renouf verantwoordelijk voor de gebrekkige uitvoering. De Britse bevelhebbers waren verrast door de snelheid en effectiviteit van de Italiaanse tegenmaatregelen, inclusief de ononderbroken luchtaanvallen en succesvolle amfibische landingen.

Militaire en Burger Slachtoffers

Volgens de analyse van Greene en Massignani in 1998 waren de verliezen relatief beperkt in omvang, maar toch aanzienlijk gezien de kleine schaal van de operatie:

  • Britse verliezen: 3 doden, 11 gewonden en 27 vermisten, vermoedelijk gevangen genomen of omgekomen tijdens de evacuatie.
  • Italiaanse verliezen: 8 doden, 11 gewonden en 10 vermisten.

Daarnaast vielen er geen bevestigde burgerslachtoffers, hoewel een aantal Italiaanse burgers geëvacueerd werd uit de hoofdplaats tijdens de gevechten. Enkele Britse soldaten die achterbleven, werden krijgsgevangen genomen en naar Rhodos overgebracht.

Conclusie

Operatie Abstention benadrukte de kwetsbaarheid van Britse maritieme operaties in de Egeïsche Zee in het voorjaar van 1941. Ondanks eerdere successen in Noord-Afrika en Tarente, toonde deze operatie dat de Italiaanse strijdkrachten in staat waren om snel en doeltreffend te reageren op lokale dreigingen.

De Britse militaire leiding had geen rekening gehouden met de nabijheid van Italiaanse vliegvelden en marine-eenheden op Rhodos. De ontoereikende luchtsteun en vertraagde landing van versterkingen droegen bij aan het falen. Bovendien zorgde het gebrek aan een gecoördineerde strategie tussen de diverse Britse marine-eenheden voor verwarring en miscommunicatie.

Hoewel de Britse commando’s aanvankelijk succes boekten, konden zij zonder adequate logistieke en operationele ondersteuning geen stand houden tegen een beter georganiseerde tegenaanval. De operatie was daarmee niet alleen een gemiste kans voor de geallieerden, maar ook een bevestiging van het vermogen van de Italiaanse strijdkrachten om geïsoleerde posities effectief te verdedigen.

De Dodekanesos bleef in Italiaanse handen tot de Italiaanse wapenstilstand in september 1943. Pas daarna werd opnieuw gepoogd de eilanden in te nemen, wat uitmondde in de Dodekanesos-campagne, waarin Duitse troepen uiteindelijk de controle overnamen.

Bronnen en Meer Informatie

  1. Bragadin, Marc’Antonio (1957). The Italian Navy in World War II. Annapolis, MD: United States Naval Institute. ISBN 0-405-13031-7.
  2. Cunningham, Andrew Browne (1999). The Cunningham Papers: Selections from the Private and Official Correspondence. London: Ashgate. ISBN 9781840146226.
  3. Greene, Jack; Massignani, Alessandro (1998). The Naval War in the Mediterranean, 1940–1943. London: Chatham. ISBN 1-86176-057-4.
  4. O’Hara, Vincent (2009). Struggle for the Middle Sea: The Great Navies at War in the Mediterranean Theater, 1940–1945. Annapolis, MD: Naval Institute Press. ISBN 978-1-59114-648-3.
  5. Playfair, I. S. O.; et al. (1957). The Mediterranean and Middle East, Volume I: The Early Successes Against Italy (to May 1941). London: HMSO. ISBN 1-84574-065-3.
  6. Simpson, Michael (2004). A Life of Admiral of the Fleet Andrew Cunningham. London: Routledge. ISBN 0-7146-5197-4.
  7. Smith, Peter; Walker, Edwin (1974). War in the Aegean. London: Kimber. ISBN 0-7183-0422-5.
  8. Titterton, G. A. (2002). The Royal Navy and the Mediterranean. London: Routledge. ISBN 0-7146-5205-9.
  9. Bronnen voor historisch onderzoek 1800–1946