Home Schepen Slagschepen en Slagkruisers USS Iowa BB-61: Amerikaans slagschip 1943–1990

USS Iowa BB-61: Amerikaans slagschip 1943–1990

USS Iowa (BB-61) in 1944 met camouflagepatroon Measure 32 en open brug op het 04-niveau zichtbaar tijdens WOII.
USS Iowa (BB-61) tijdens de Tweede Wereldoorlog in 1944, met zichtbaar camouflagepatroon Measure 32 en open brug op dek 04.

De USS Iowa (BB-61) was het eerste schip van de Iowa-klasse slagschepen van de Amerikaanse marine. Het schip werd in gebruik genomen tijdens de Tweede Wereldoorlog en diende later in het conflict in Korea en opnieuw in de jaren tachtig tijdens de Koude Oorlog. De USS Iowa staat bekend als het slagschip dat president Franklin D. Roosevelt vervoerde naar een geallieerde top in 1943 en als vlaggenschip tijdens de Japanse overgave in 1945. Door haar lange en veelzijdige loopbaan is de USS Iowa een voorbeeld van de technologische en militaire ontwikkeling van marineschepen in de 20e eeuw.

Ontwerp en constructie

De USS Iowa werd besteld in juli 1939 en de kiel werd gelegd op 27 juni 1940 bij de New York Naval Shipyard. Het schip werd te water gelaten op 27 augustus 1942 en in dienst gesteld op 22 februari 1943. De ontwerpfilosofie achter de Iowa-klasse richtte zich op een hogere snelheid en slagkracht dan eerdere slagschepen, met behoud van zware bepantsering.

De USS Iowa was 270 meter lang en had een waterverplaatsing van ongeveer 58.000 ton volgeladen. De voortstuwing werd geleverd door acht Babcock & Wilcox-ketels en vier Parsons-turbines die samen 212.000 pk produceerden, wat een topsnelheid van ruim 33 knopen mogelijk maakte. Deze snelheid stelde het schip in staat om samen te opereren met vliegdekschepen.

Bewapening

De hoofdbewapening van de USS Iowa bestond uit negen 16-inch (406 mm)/50 kaliber Mark 7 kanonnen, geplaatst in drie geschuttorens. Elk kanon kon een pantserdoordringend projectiel van 1.200 kg afvuren tot een afstand van meer dan 37 kilometer. De secundaire bewapening omvatte twintig 5-inch (127 mm)/38 kaliber kanonnen in dubbele opstellingen, geschikt voor zowel luchtafweer als oppervlaktegevechten.

Voor luchtafweer beschikte de Iowa oorspronkelijk over 80 Oerlikon 20 mm en 49 Bofors 40 mm luchtafweerkanonnen in meerdere opstellingen. Deze wapens boden bescherming tegen luchtaanvallen, een essentiële verdediging tegen Japanse vliegtuigen.

Bepantsering

De Iowa had een uitgebreide bepantsering bestaande uit een riem van 307 mm dik staal langs de romp en een hoofdgordel die opliep tot 310 mm. Het dek was versterkt met pantserplaten tot 152 mm dik om te beschermen tegen luchtaanvallen. De geschuttorens waren zwaar gepantserd, met frontale platen tot 495 mm dik. Deze bescherming maakte de Iowa bestand tegen zware artilleriebeschietingen, zowel van vijandelijke slagschepen als van kustbatterijen.

Sensoren en dataverwerking

De USS Iowa beschikte vanaf haar ingebruikname over een geavanceerd sensor- en commandosysteem voor haar tijd. Het schip was uitgerust met radarinstallaties zoals de SK-2 luchtwaarschuwingsradar en SG oppervlaktezoekradar. In 1943 werd het schip uitgerust met een Combat Information Center (CIC), een commandopost waar informatie van radar, sonar en communicatie werd samengebracht.

Het Combat Information Center verwerkte en analyseerde gegevens van vijandelijke eenheden, identificeerde lucht- en zeedoelen en coördineerde de vuurleiding en tactische operaties. De aanwezigheid van het CIC was bepalend voor de tactische effectiviteit van de Iowa in moderne vlootoperaties vanaf 1943.

De vuurleiding van het hoofdgeschut werd geleid door het Mark 8 Fire Control System, in combinatie met optische afstandsmeters en radar. De luchtafweersystemen maakten gebruik van het Mark 37 Gun Fire Control System, voorzien van de Mark 4 of later de Mark 12 en Mark 22 radar, afhankelijk van de modernisering.

Dankzij deze integratie kon de Iowa doelwitten detecteren, volgen en bestrijden op grote afstand en onder alle weersomstandigheden. Het schip beschikte niet over actieve sonar, maar opereerde in combinatie met torpedobootjagers voor onderzeebootbestrijding. De aanwezigheid van een volledig werkende CIC en geavanceerde radar- en vuurgeleidingssystemen maakte de USS Iowa vanaf 1943 tot een gevechtskrachtig en modern slagschip binnen de Amerikaanse vloot.

Modificaties

Tijdens de oorlog onderging de USS Iowa verschillende aanpassingen. In 1945 werd het bruggebied ingesloten voor betere bescherming. Ook werden nieuwe radars geïnstalleerd en werd het vuurgeleidingssysteem verbeterd. De luchtafweer werd aangepast op basis van de veranderende dreiging door Japanse kamikazepiloten. Na de oorlog en tijdens de heractivering in de jaren 1980 werd het schip uitgebreid gemoderniseerd met Tomahawk- en Harpoon-raketten en moderne elektronische systemen.

Status schip tijdens de oorlog

Gedurende de Tweede Wereldoorlog bleef de USS Iowa technisch actueel en werd zij goed onderhouden. Moderniseringen vonden plaats tijdens periodes van onderhoud aan de Amerikaanse westkust. De installaties voor luchtafweer en radar werden aangepast aan de steeds veranderende oorlogsomstandigheden. Het schip beschikte al vanaf 1943 over een Combat Information Center en werd regelmatig uitgerust met nieuwe radarapparatuur, wat essentieel was om effectief deel te kunnen nemen aan vlootoperaties in de Pacific.

Operationele geschiedenis

Atlantische Dienst en Presidentieel Transport

In november 1943 vervoerde de USS Iowa president Franklin D. Roosevelt naar Mers El Kébir in Algerije, als onderdeel van een reis naar de conferentie van Teheran. Tijdens deze missie ontsnapte het schip aan een per ongeluk afgevuurde torpedo van de USS William D. Porter, die op tijd werd opgemerkt en ontweken.

Pacific Campagne en Slag om de Marianen

In 1944 werd de Iowa overgeplaatst naar de Pacific-vloot. Ze nam deel aan bombardementen op Kwajalein en Eniwetok en bood bescherming aan vliegdekschepen tijdens operaties op de Marshalleilanden. In juni 1944 ondersteunde de Iowa de landing op Saipan en Tinian en nam zij deel aan de Slag in de Filipijnenzee, waarin zij luchtafweer leverde tegen Japanse aanvallen.

Leyte en Okinawa

Later in 1944 nam de Iowa deel aan de Slag in de Golf van Leyte, waar zij bescherming bood aan Task Force 38 tijdens luchtoperaties. Tijdens Tyfoon Cobra in december 1944 liep de Iowa schade op aan een van haar schroefassen, wat leidde tot een dokbeurt in San Francisco in januari 1945. Hier werden tevens moderniseringen uitgevoerd.

Vanaf april 1945 ondersteunde de Iowa operaties rond Okinawa en nam zij deel aan bombardementen op industriële doelen op Hokkaido en Honshu. Het schip vuurde op steden als Muroran en Hitachi in juli 1945.

Japanse Overgave

Op 29 augustus 1945 ging de USS Iowa de baai van Sagami binnen. Twee dagen later voer ze de baai van Tokio binnen als vlaggenschip van de Derde Vloot. Hoewel de overgaveceremonie op de USS Missouri plaatsvond, speelde de Iowa een belangrijke rol als steunend schip binnen de Amerikaanse bezettingsmacht.

Dienst na WOII en Koreaanse Oorlog

Na de overgave van Japan in september 1945 keerde de USS Iowa terug naar de Verenigde Staten. In de jaren direct na de oorlog diende het schip als vlaggenschip van de Vijfde Vloot en werd het ingezet voor trainingsmissies. In 1946 nam de Iowa deel aan oefeningen met Naval Reserve en midden jaren 40 onderging ze aanpassingen, waaronder nieuwe radarinstallaties.

In juli 1951 werd de Iowa opnieuw geactiveerd als reactie op de Koreaanse Oorlog. Ze werd het vlaggenschip van de Zevende Vloot en voerde vanaf april 1952 artilleriebeschietingen uit op vijandelijke posities in Noord-Korea. Het schip ondersteunde Zuid-Koreaanse eenheden en voerde aanvallen uit op transportlijnen, artilleriestellingen en industriële doelen langs de oostkust van Korea. Ook bood de Iowa luchtafweer voor de vloot en verleende ze noodhulp aan beschadigde marineschepen.

In totaal nam de Iowa deel aan tientallen vuuroperaties, waarbij meer dan 16.000 granaten werden afgevuurd vanuit het hoofd- en secundair geschut. De inzet van het schip leverde haar twee battle stars op voor de Koreaanse Oorlog.

Naoorlogse oefeningen en NATO-operaties

Tussen 1953 en 1957 bleef de Iowa actief in trainings- en oefenverband, onder andere met NAVO-vloten in Noord-Europa en de Middellandse Zee. Ze fungeerde als vlaggenschip voor de Tweede Vloot tijdens Operation Mariner en andere maritieme NAVO-oefeningen. Na een periode van training met adelborsten en verschillende havenbezoeken in Europa, werd het schip in 1958 voor de tweede keer uit dienst genomen.

Heractivering tijdens de Koude Oorlog

In het kader van het 600-schepenplan van de regering-Reagan werd de Iowa in 1982 opnieuw geactiveerd. In deze periode onderging het schip ingrijpende modernisering. De luchtafweer werd aangepast aan moderne dreigingen door installatie van Phalanx CIWS-systemen en lanceerinrichtingen voor Tomahawk- en Harpoon-raketten. De radar- en elektronische oorlogsvoering werden eveneens vernieuwd, en het schip kreeg de beschikking over onbemande verkenningsvliegtuigen van het type RQ-2 Pioneer.

Vanaf 1984 nam de Iowa deel aan oefeningen in het Caribisch gebied, NAVO-operaties in de Noord-Atlantische Oceaan, en escortemissies in de Perzische Golf tijdens Operation Earnest Will (1987–1988), waarin zij reflagged olietankers escorteerde door de Straat van Hormuz.

Explosie in geschuttoren (1989)

Op 19 april 1989 vond er een explosie plaats in toren 2 tijdens een oefening nabij Puerto Rico, waarbij 47 bemanningsleden omkwamen. Aanvankelijk werd sabotage vermoed, maar later onderzoek wees op een accidentele ontsteking van verouderd kruit. De gebeurtenis leidde tot uitgebreide kritiek op het onderhouds- en trainingsbeleid aan boord. Na dit incident werd het schip in oktober 1990 buiten dienst gesteld.

Na de oorlog

De USS Iowa werd in 1995 officieel geschrapt uit het Naval Vessel Register, maar op aandringen van het Amerikaanse Congres opnieuw opgenomen tussen 1999 en 2006. In 2007 werd besloten om het schip over te dragen als museumschip. In 2012 werd de Iowa permanent aangemeerd in de haven van Los Angeles, waar ze werd opengesteld als marinemuseum onder beheer van het Pacific Battleship Center. Sindsdien vervult ze een educatieve rol en herdenkt zij de maritieme geschiedenis van de Verenigde Staten.

Conclusie

De USS Iowa was gedurende de Tweede Wereldoorlog en daarna een geavanceerd slagschip, mede dankzij haar combinatie van zware bewapening, snelheid en sensorcapaciteiten. Belangrijk is dat het schip al in 1943 beschikte over een Combat Information Center (CIC), waarmee de gevechtskracht aanzienlijk werd vergroot volgens de militaire normen van dat jaar. Gedurende haar operationele loopbaan onderging de Iowa herhaaldelijk moderniseringen om technisch actueel te blijven. De installatie van moderne raketsystemen en geavanceerde vuurleiding tijdens de Koude Oorlog onderstreept de veelzijdigheid van dit schip. Als museumschip blijft de USS Iowa een tastbaar symbool van maritieme geschiedenis.

Bronnen en meer informatie

  1. Afbeelding: Photo i.d. & text courtesy of Kenneth R. Jones. USN photo courtesy of David Buell., Public domain, via Wikimedia Commons
  2. Thompson, Charles C. II (1999). A Glimpse of Hell: The Explosion on the USS Iowa and Its Cover-Up. New York: W. W. Norton. ISBN 978-0-393-04714-3
  3. Johnston, Ian; McAuley, Rob (2002). The Battleships. London: Channel 4. ISBN 0-7522-6188-6
  4. Fuller, J. F. C. (1956). The Decisive Battles of the Western World. Vol. III. London: Eyre & Spottiswoode. ISBN 978-0-300-09009-7
  5. Morison, Samuel Eliot (2004) [1956]. Leyte, June 1944 – January 1945. History of United States Naval Operations in World War II, Volume 12. Champaign: University of Illinois Press. ISBN 0-252-07063-1
  6. Doyle, David (2017). USS Iowa (BB-61). Atglen: Schiffer Publishing. ISBN 978-0-7643-5417-5
  7. Naval History and Heritage Command (2009). Dictionary of American Naval Fighting Ships. Navy Department. ISSN 0002-5577
  8. Bennett, Geoffrey (2005). Naval Battles of the First World War. Barnsley: Pen & Sword Military Classics. ISBN 978-1-84415-300-8
  9. Bronnen voor historisch onderzoek 1800–1946