Home Schepen Torpedobootjagers HMS Eskimo: Britse Tribal-klasse torpedobootjager

HMS Eskimo: Britse Tribal-klasse torpedobootjager

De Britse torpedobootjager HMS Eskimo (F75) van de Royal Navy tijdens een operatie in de Tweede Wereldoorlog.
HMS Eskimo, een Tribal-klasse torpedobootjager van de Royal Navy, actief tijdens diverse maritieme campagnes in de Tweede Wereldoorlog.

HMS Eskimo was een Britse torpedobootjager van de Tribal-klasse die in de jaren voor de Tweede Wereldoorlog werd ontworpen als antwoord op de bouw van grotere en krachtigere torpedobootjagers in andere landen. Deze klasse was bedoeld om de slagkracht van bestaande eskaders te versterken. HMS Eskimo speelde een actieve rol in meerdere grote operaties tijdens de Tweede Wereldoorlog, waaronder de Noorse campagne, Operatie Torch en Operatie Husky.

De scheepsklasse waartoe HMS Eskimo behoorde, kenmerkte zich door een grotere waterverplaatsing, zwaardere bewapening en een hogere snelheid dan haar voorgangers. In dit eerste deel behandelen we de ontwerpspecificaties, technische kenmerken en bouwgeschiedenis van het schip.

Ontwerp en bouw

Achtergrond en ontwerpfilosofie

De Tribal-klasse werd ontwikkeld als reactie op de uitbreiding van buitenlandse marines die destroyers bouwden met zwaardere bewapening. De Admiralty gaf in 1936 opdracht tot de bouw van negen van deze schepen, waaronder HMS Eskimo. De nadruk lag op vuurkracht en snelheid, waardoor deze schepen geschikt waren om zowel vlootoperaties te ondersteunen als zelfstandig op te treden.

Technische specificaties

  • Waterverplaatsing: 1.891 long tons (standaard), 2.519 long tons (volgeladen)

  • Lengte: 114,9 meter

  • Breedte: 11,13 meter

  • Diepgang: 3,43 meter

  • Voortstuwing: Twee Parsons tandwielreductieturbines, aangedreven door drie Admiralty-driedrumketels, met een gezamenlijk vermogen van 44.000 shp

  • Snelheid: Tot 36 knopen

  • Bereik: 5.700 zeemijl bij een snelheid van 15 knopen

  • Bemanning: 190 personen

Tijdens de proeftochten bereikte HMS Eskimo een snelheid van 36,3 knopen bij een verplaatsing van 1.987 long tons, aangedreven door 45.450 shp.

Bewapening en sensoren

Hoofd- en luchtafweerbewapening

De hoofdbewapening bestond uit vier tweelingopstellingen van 4,7 inch (120 mm) Mark XII kanonnen, geplaatst in zogenoemde superfiringopstelling voor en achter de brug (A-, B-, X- en Y-mount). De elevatie was maximaal 40 graden, waardoor zij vooral geschikt waren voor oppervlaktegevechten.

Voor luchtafweer beschikte het schip over:

  • één viervoudige opstelling van de 40 mm QF twee-ponder “pom-pom”

  • twee viervoudige opstellingen van 12,7 mm luchtafweermitrailleurs

Torpedo’s en onderzeebootbestrijding

Het schip was uitgerust met:

  • één viervoudige torpedobuisopstelling voor 21-inch (533 mm) torpedo’s

  • ASDIC (een vroege vorm van sonar)

  • een dieptebomrek en twee werpers, met een vredestijdvoorraad van 20 dieptebommen, oplopend tot 30 en later tot 46 tijdens de oorlog

Hoewel de Tribal-klasse oorspronkelijk niet ontworpen was voor onderzeebootbestrijding, was deze minimale uitrusting bedoeld voor zelfverdediging.

Fire control en radar

De hoofdbewapening werd bestuurd via een Director Control Tower (DCT) op het brugdak in combinatie met een 3,7 meter lange afstandsmeter. Deze gegevens werden verwerkt in het mechanische rekenapparaat Mk I Admiralty Fire Control Clock. Voor luchtafweer was een apart systeem, de Fuze Keeping Clock, gekoppeld aan de afstandsmeter/director. Vanaf 1940 werd dit systeem geleidelijk aangepast voor radarondersteuning (Type 285 radar), waarmee het schip moderne vuurleidingstechnologie kreeg.

Bouw en ingebruikname

Constructiegegevens

  • Besteld: 19 juni 1936

  • Werf: Vickers-Armstrongs, High Walker, Newcastle upon Tyne

  • Kiel gelegd: 5 augustus 1936

  • Te water gelaten: 3 september 1937

  • In dienst gesteld: 30 december 1938

  • Kosten: £342.108 (exclusief wapens en communicatieapparatuur)

Naamgeving

HMS Eskimo was het tweede schip met deze naam binnen de Royal Navy. De naam is ontleend aan het etnoniem voor Arctische volkeren, een gangbare praktijk in die periode, hoewel deze term tegenwoordig als verouderd wordt beschouwd.

Oorlogsuitrusting en modificaties

Aanpassingen na de Noorse campagne

Tijdens de Noorse campagne bleek de luchtafweer onvoldoende. In mei 1940 besloot de Royal Navy ‘X’-opstelling van de 4,7 inch kanonnen te vervangen door een dubbele opstelling van 4 inch (102 mm) Mark XVI dual-purpose kanonnen. Tegelijkertijd werd de vuurleidingsinstallatie aangepast voor de montage van radar.

Aanvullende aanpassingen betroffen onder andere:

  • Inkorting van de achterste schoorsteen

  • Vervanging van de hoofdmast door een kortere mast

  • Uitbreiding van het aantal dieptebommen naar 46 en meer

Operationele inzet tijdens de Tweede Wereldoorlog

Slag om Narvik (1940)

HMS Eskimo nam deel aan de Tweede Slag bij Narvik, een onderdeel van de Noorse campagne in april 1940. Op 12 april werd het schip zwaar beschadigd door een torpedo afgevuurd door de Duitse torpedobootjager KMS Z2 Georg Thiele. De torpedo trof de boeg, die volledig werd weggeslagen. Tijdelijke reparaties werden uitgevoerd in Skjelfjorden door het reparatieschip HMS Vindictive. Daarna keerde het schip terug naar Newcastle voor definitieve herstelwerkzaamheden bij Vickers-Armstrongs, die tot september 1940 duurden.

HMS Eskimo (F75) zonder boeg na torpedotreffer bij Narvik, afgemeerd aan de Noorse kust voor terugtocht naar Engeland.
HMS Eskimo ligt zwaar beschadigd aan de Noorse kust na een torpedotreffer tijdens de Tweede Slag bij Narvik in april 1940.

Operatie Torch en inzet in de Middellandse Zee

In november 1942 ondersteunde HMS Eskimo de geallieerde landingen in Noord-Afrika tijdens Operatie Torch. In de daaropvolgende maanden opereerde het schip in de Middellandse Zee. Tijdens Operatie Husky, de geallieerde landing op Sicilië in juli 1943, werd HMS Eskimo aangevallen door Duitse duikbommenwerpers en zwaar beschadigd .

Onderzeebootbestrijding en kanaaloperaties

Op 24 juni 1944 werkte Eskimo samen met het Canadese schip HMCS Haida en een RAF B-24 Liberator van No. 311 Squadron bij de vernietiging van de Duitse onderzeeër U-971 in het Kanaal ten noorden van Brest . Enkele weken later, op 13 juli 1944, raakte HMS Eskimo opnieuw betrokken bij een zeeslag. Samen met HMCS Huron viel zij een groep kleinere Duitse vaartuigen aan, waaronder de vorpostenboten V 203 Carl Röver en V 213 Claus Bolten en de mijnenveger M 4611. Tijdens deze actie werden V 213 en M 4611 tot zinken gebracht, maar Eskimo liep opnieuw ernstige schade op door vijandelijk vuur .

Laatste oorlogsmaanden in de Stille Oceaan

In de laatste fase van de oorlog werd HMS Eskimo naar de Stille Oceaan overgebracht. Daar verrichtte zij patrouilles en escorteopdrachten in de regio, hoewel haar rol beperkter was dan in eerdere campagnes.

Naoorlogs gebruik en uiteindelijke lot

Na de oorlog werd HMS Eskimo in 1946 omgebouwd tot accommodatie- en hoofdkwartierschip voor mijnenvegers, wrakopruimers en bergingsschepen in de mondingen van de Theems en de Medway. Later diende zij als doelschip in de Gareloch. Op 27 juni 1949 werd het schip verkocht voor sloop. De ontmanteling vond plaats in Troon, Schotland .

Erfgoed en museumstukken

Bewaarde objecten

  • Scheepsbel: In het bezit van het National Maritime Museum te Greenwich .

  • Model: Een gedetailleerd schaalmodel van HMS Eskimo, gemaakt door commandant John West (voormalig navigatieofficier op het schip), wordt bewaard door het National Museum of the Royal Navy .

  • Afbeeldingen en kunstwerken: De Imperial War Museums hebben foto’s, filmbeelden en een aquarel van Vivian Pitchforth waarop Eskimo wordt afgebeeld tijdens reparaties in Durban .

  • Herinnering in kerk: De vlaggenstok en het wapenschild van HMS Eskimo zijn tentoongesteld in de St. Clares Church in Newton Aycliffe, County Durham .

Conclusie

HMS Eskimo vertegenwoordigde een generatie Britse torpedobootjagers die ontworpen waren met het oog op vuurkracht en snelheid in een tijd van snel veranderende maritieme technologie. Tijdens de Tweede Wereldoorlog nam het schip deel aan sleuteloperaties in Europa en Afrika, ondanks dat zij meerdere keren ernstig werd beschadigd. Haar inzet illustreert zowel de kwetsbaarheid als de veerkracht van oorlogsschepen van haar klasse.

Na de oorlog kreeg het schip nog een ondersteunende rol binnen de Royal Navy, voordat het werd gesloopt. De overgebleven onderdelen en modellen van HMS Eskimo zijn nu onderdeel van maritieme erfgoedcollecties en geven een tastbaar beeld van haar rol in een van de meest ingrijpende periodes van de twintigste eeuw.

Bronnen en meer informatie

  1. Afbeelding 1: Royal Navy official photographer, Public domain, via Wikimedia Commons
  2. Afbeelding 2: Marshall Bishop H, War Office official photographer, Public domain, via Wikimedia Commons
  3. English, John (2001). Afridi to Nizam: British Fleet Destroyers 1937–43. Gravesend, Kent: World Ship Society. ISBN 0-905617-64-9.
  4. Friedman, Norman (2006). British Destroyers and Frigates, the Second World War and After. Annapolis, Maryland: Naval Institute Press. ISBN 1-86176-137-6.

  5. Haarr, Geirr H. (2009). The German Invasion of Norway, April 1940. Annapolis, Maryland: Naval Institute Press. ISBN 978-1-59114-310-9.

  6. Haarr, Geirr H. (2010). The Battle for Norway: April–June 1940. Annapolis, Maryland: Naval Institute Press. ISBN 978-1-59114-051-1.

  7. Lenton, H. T. (1998). British & Empire Warships of the Second World War. Annapolis, Maryland: Naval Institute Press. ISBN 1-55750-048-7.

  8. Whitley, M. J. (1988). Destroyers of World War Two: An International Encyclopedia. Annapolis, Maryland: Naval Institute Press. ISBN 0-87021-326-1.

  9. Williamson, Gordon (2012). German Destroyers 1939–1945. Oxford: Osprey Publishing. ISBN 978-1-78096-621-2. 

  10. Bronnen Mei1940