Wilhelm Simon: SS-functionaris in Mittelbau-Dora

Wilhelm Simon (23 april 1900 – 27 september 1971) was een Duitse SS-Hauptscharführer en kampfunctionaris. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werkte hij in Buchenwald en Mittelbau-Dora, waar hij betrokken was bij de inzet van gevangenen voor dwangarbeid. Als Arbeitsdienstführer organiseerde hij arbeidscommando’s voor het Mittelwerk. In 1947 veroordeelde een Amerikaanse militaire rechtbank hem tot levenslange gevangenisstraf wegens oorlogsmisdrijven.

Vroege leven en opleiding

Wilhelm Simon werd op 23 april 1900 geboren in Elberfeld, een stad die later deel werd van Wuppertal. Over zijn schoolopleiding en eventuele beroepsopleiding zijn in de gebruikte biografische literatuur geen nadere gegevens opgenomen. Vanaf 1919 werkte hij als administratief medewerker in een textielfabriek, een functie die hij tot 1935 bleef vervullen. Zijn loopbaan vóór zijn actieve SS-dienst lag daarmee hoofdzakelijk op administratief terrein. De beschikbare gegevens vermelden voor deze periode geen militaire dienst of betrokkenheid bij gevechtshandelingen.

Zijn langdurige werk als klerk vormde de achtergrond voor de administratieve functies die hij later binnen nationaalsocialistische organisaties en kampadministraties bekleedde. In 1935 verliet hij de textielsector en werd hij hoofd van de boekhoudafdeling van de medische vereniging van het Rijnland. Hij bleef daar werkzaam tot 1939. Deze functie sloot aan bij zijn eerdere ervaring met administratie, registratie en financiële werkzaamheden. Over verdere vakopleidingen, diploma’s of hogere studies zijn geen betrouwbare gegevens vermeld in de gebruikte bronnen.

Interbellum: administratie en toetreding tot NSDAP en SS

Simon trad in augustus 1932 toe tot zowel de Nationaalsocialistische Duitse Arbeiderspartij als de Schutzstaffel. Zijn toetreding vond plaats enkele maanden voordat Adolf Hitler op 30 januari 1933 rijkskanselier werd. Daarmee was Simon al vóór de machtsovername lid van beide organisaties. De beschikbare gegevens geven geen aanwijzing dat hij in deze beginperiode een landelijke of regionale leidinggevende politieke functie bekleedde. Zijn beroepsleven bleef aanvankelijk gericht op administratief werk buiten de kamporganisatie.

Vanaf 1935 werkte Simon als hoofd van de boekhouding bij de medische vereniging van het Rijnland. Hij bleef deze functie uitoefenen tot het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Daarna werd hij geplaatst bij de regionale afdeling van het Reichsministerium für Ernährung und Landwirtschaft in Wuppertal. Zijn werkzaamheden bleven daarmee ook in de eerste oorlogsperiode administratief van aard. Pas in januari 1941 werd hij door de SS in actieve dienst genomen en overgeplaatst naar de SS-Totenkopfverbände, de organisatie die onder meer personeel voor het concentratiekampstelsel leverde.

Deelname aan de Tweede Wereldoorlog

Plaatsing in Buchenwald

In januari 1941 kwam Simon in actieve SS-dienst en werd hij naar concentratiekamp Buchenwald gestuurd. Aanvankelijk maakte hij deel uit van het bewakingsbataljon van het kamp. Vervolgens kreeg hij functies binnen de kampadministratie, waar zijn eerdere administratieve ervaring bruikbaar was voor de organisatie van arbeid en personeelsinzet. In de zomer van 1942 werd hij plaatsvervangend verantwoordelijke voor de arbeidsinzet. Daarmee hield hij zich rechtstreeks bezig met het toewijzen van gevangenen aan werkzaamheden binnen en buiten het kamp.

De arbeidsinzet van gevangenen was nauw verbonden met de Duitse oorlogseconomie. Simon organiseerde en controleerde de beschikbaarstelling van gevangenen voor ondernemingen die arbeidskrachten gebruikten voor productie, bouw en andere oorlogstaken. Voor de gevangenen betekende deze inzet geen gewone arbeidsovereenkomst, maar gedwongen arbeid onder kampomstandigheden. De werkzaamheden gingen vaak gepaard met lange werkdagen, ontoereikende voeding, geweld en gebrekkige medische zorg. Simon had binnen zijn functie verantwoordelijkheid voor de administratieve en praktische verdeling van deze arbeidskrachten.

Overplaatsing naar Mittelbau-Dora

In december 1943 werd Simon benoemd tot Arbeitsdienstführer van het kamp Dora, dat toen nog nauw verbonden was met Buchenwald en later het zelfstandige concentratiekamp Mittelbau-Dora werd. Zijn taak bestond uit het organiseren van de inzet van gevangenen bij verschillende werkcommando’s. Een groot deel van de gevangenen werkte in het ondergrondse complex Mittelwerk, waar onder andere onderdelen van de V-2-raket werden geproduceerd en geassembleerd. Daarnaast werden gevangenen ingezet bij bouwwerkzaamheden, transport en uitbreiding van de ondergrondse installaties.

De omstandigheden in Dora waren bijzonder zwaar doordat veel gevangenen aanvankelijk in de tunnels moesten verblijven en werken. Simon stond als Arbeitsdienstführer midden in het systeem waarmee arbeidskrachten over de verschillende werkplaatsen en bouwlocaties werden verdeeld. Hij was ook betrokken bij de invoering van een bonussysteem voor gevangenen die volgens de kampadministratie voldoende productief waren. De beloningen bestonden uit beperkte voorrechten binnen het kamp. Dit systeem veranderde niets aan het gedwongen karakter van de arbeid en aan de afhankelijkheid van gevangenen van de SS-organisatie.

Simon begeleidde daarnaast Wernher von Braun tijdens een bezoek aan Buchenwald waarbij gevangenen voor werkzaamheden in Dora werden geselecteerd. Von Braun werkte als raketdeskundige binnen het Duitse raketprogramma, terwijl de SS gevangenen leverde voor de productie in het Mittelwerk. De selectie van arbeidskrachten maakte deel uit van de samenwerking tussen kampadministratie, bewapeningsproductie en technische organisaties. Voor Simon sloot deze taak rechtstreeks aan bij zijn verantwoordelijkheid voor arbeidsinzet en personeelsverdeling.

Geweld tegen gevangenen

Gevangenen beschreven Simon na de oorlog als een gewelddadige kampfunctionaris. Onder gevangenen kreeg hij de bijnaam “Simon Legree”, naar de wrede plantagehouder uit de roman Uncle Tom’s Cabin. Die bijnaam verwees naar zijn gedrag bij de arbeidsinzet en zijn behandeling van gevangenen. Getuigenissen uit de kampperiode en de naoorlogse processen beschrijven dat hij niet alleen administratieve bevelen gaf, maar ook persoonlijk aanwezig was bij situaties waarin gevangenen werden mishandeld of onder zeer zware omstandigheden moesten werken.

Een van de beschreven gebeurtenissen vond plaats in de zomer van 1944 en betrof een groep zwaar ondervoede Hongaarse Joden die vanuit Auschwitz naar Dora was gebracht. Simon liet leden van deze groep volgens latere getuigenissen meewerken aan de bouw van hun eigen barakken, ondanks hun slechte lichamelijke toestand. Tijdens deze werkzaamheden overleden meerdere gevangenen door uitputting en ziekte. De episode toont hoe arbeidsinzet en kampdiscipline in Dora konden worden toegepast zonder rekening te houden met de gezondheidstoestand van de betrokken gevangenen.

Getuigen verklaarden bovendien dat Simon na aankomst van hetzelfde transport opdracht gaf tot geweld tegen kinderen uit de groep. Enkele kinderen zouden door SS’ers zijn doodgeslagen, waarna de overlevenden naar de tunnels van het Mittelwerk werden gestuurd. Deze gebeurtenis werd later aangehaald in beschrijvingen van Simons optreden in Dora. Bij dergelijke beweringen is het van belang onderscheid te maken tussen rechtstreeks gedocumenteerde administratieve handelingen en gedragingen die via getuigenverklaringen bekend zijn geworden. Beide soorten gegevens speelden een rol bij de naoorlogse beoordeling van kampfunctionarissen.

Evacuatie van Mittelbau-Dora en gevangenneming

Begin april 1945 werd Mittelbau-Dora ontruimd toen Amerikaanse troepen het gebied naderden. Tijdens deze evacuatie leidde Simon een transport van ongeveer 350 gevangenen naar concentratiekamp Ebensee in Oostenrijk. De evacuaties van concentratiekampen vonden plaats onder chaotische omstandigheden en gingen gepaard met transporten over grote afstanden. Voor Simon betekende de aankomst in Ebensee het einde van zijn functie binnen de kampadministratie. Kort daarna werd hij ingedeeld bij een plaatselijke Wehrmacht-eenheid.

Op 8 mei 1945, de dag waarop de Duitse capitulatie in Europa van kracht werd, gaf Simon zich over aan Amerikaanse troepen. Hij wist de volgende dag uit gevangenschap te ontsnappen. Later werd hij opnieuw herkend als voormalig kampfunctionaris en als verdachte van oorlogsmisdrijven aangehouden door de Amerikaanse bezettingsautoriteiten. Daarmee kwam hij opnieuw in geallieerde hechtenis. Zijn werkzaamheden in Buchenwald en Mittelbau-Dora werden vervolgens onderwerp van onderzoek in het kader van de Amerikaanse vervolging van kampbewakers en kampfunctionarissen.

Na de oorlog

Dachau-Dora-proces

Simon werd in 1947 berecht tijdens het Amerikaanse Dachau-Dora-proces. Dit proces maakte deel uit van een reeks procedures die door Amerikaanse militaire rechtbanken in Dachau werden gevoerd tegen personeel van concentratiekampen en andere verdachten van oorlogsmisdrijven. De aanklacht tegen Simon had betrekking op zijn rol binnen het kampstelsel en zijn betrokkenheid bij de behandeling en arbeidsinzet van gevangenen. Hij verklaarde zich niet schuldig aan de tegen hem ingebrachte beschuldigingen.

Op 30 december 1947 werd Simon schuldig bevonden aan oorlogsmisdrijven en veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf. Hij werd opgesloten in de gevangenis van Landsberg, waar meerdere door Amerikaanse militaire rechtbanken veroordeelde personen hun straf uitzaten. De veroordeling maakte formeel een einde aan zijn naoorlogse vervolgingsprocedure. De beschikbare gegevens vermelden niet dat zijn veroordeling later werd vernietigd. Wel werd zijn gevangenisstraf uiteindelijk niet volledig uitgezeten.

Vrijlating en laatste levensjaren

Simon kwam in 1954 vrij uit de gevangenis. Daarna keerde hij terug naar het Ruhrgebied en werkte hij als verkoper. Over zijn verdere openbare activiteiten of een nieuwe politieke functie zijn geen gegevens vermeld in de gebruikte biografische bronnen. Hij leefde na zijn vrijlating buiten de publieke aandacht. Zijn latere leven verschilde daarmee sterk van de periode waarin hij binnen de SS en de concentratiekampadministratie werkzaam was.

Wilhelm Simon overleed op 27 september 1971 in Bochum in West-Duitsland. Hij was toen 71 jaar oud. Zijn naam bleef vooral verbonden aan zijn functies in Buchenwald en Mittelbau-Dora en aan het proces waarin hij na de oorlog werd veroordeeld. De beschikbare biografische gegevens over de periode na 1954 zijn beperkt en richten zich hoofdzakelijk op zijn werk als verkoper, zijn woongebied en zijn overlijden.

Militaire Rangen

Simon bereikte binnen de SS de rang van SS-Hauptscharführer. Deze rang behoorde tot de hogere onderofficiersrangen van de SS en stond los van de reguliere rangenstructuur van de Wehrmacht. Zijn positie als Arbeitsdienstführer in Mittelbau-Dora was een functie binnen de kamporganisatie en geen afzonderlijke rang. Zijn bevoegdheden vloeiden daarom voort uit de combinatie van zijn SS-rang en zijn administratieve functie bij de arbeidsinzet van gevangenen.

Na de evacuatie naar Ebensee werd Simon korte tijd ingedeeld bij een plaatselijke Wehrmacht-eenheid. De beschikbare gegevens vermelden voor deze laatste oorlogsperiode geen afzonderlijke Wehrmacht-rang. Daarom kan op basis van de aangeleverde biografische informatie alleen zijn SS-rang met zekerheid worden genoemd. Er zijn evenmin gegevens vermeld over eerdere militaire rangen vóór zijn actieve SS-dienst in 1941.

Conclusie

Wilhelm Simon vervulde tussen 1941 en 1945 functies binnen het concentratiekampstelsel van nazi-Duitsland. In Buchenwald werkte hij zich vanuit het bewakingsbataljon op naar een functie bij de arbeidsinzet, waarna hij in december 1943 Arbeitsdienstführer in Mittelbau-Dora werd. Daar organiseerde hij de inzet van gevangenen voor dwangarbeid, onder meer in het Mittelwerk. Getuigenissen beschreven daarnaast geweld en harde behandeling van gevangenen tijdens zijn dienstperiode.

Na de evacuatie van Mittelbau-Dora werd Simon in 1945 door Amerikaanse troepen gevangengenomen, ontsnapte hij kort en werd hij later opnieuw gearresteerd. In 1947 veroordeelde een Amerikaanse militaire rechtbank hem tijdens het Dachau-Dora-proces tot levenslange gevangenisstraf wegens oorlogsmisdrijven. Hij kwam in 1954 vrij en werkte daarna als verkoper in het Ruhrgebied. Simon overleed in 1971 in Bochum.

Bronnen en meer informatie

  1. Afbeelding: unknown soldier or employee of the U.S. Army Signal Corps, Public domain, via Wikimedia Commons
  2. Klee, Ernst (2007). Das Personenlexikon zum Dritten Reich: Wer war was vor und nach 1945. Frankfurt am Main: Fischer Taschenbuch Verlag. ISBN 978-3-596-16048-8.
  3. Sellier, André (2003). A History of the Dora Camp. Chicago: Ivan R. Dee. ISBN 978-1-56663-511-0.
  4. Hunt, Linda (1991). Secret Agenda: The United States Government, Nazi Scientists, and Project Paperclip, 1945 to 1990. New York: St. Martin’s Press. ISBN 978-0-312-05510-3.
  5. Bronnen voor historisch onderzoek 1800–1946