Hermann Balck: Duitse pantsergeneraal 1914–1945

Georg Otto Hermann Balck (1893–1982) was een Duitse militair die diende in zowel de Eerste als de Tweede Wereldoorlog. Hij specialiseerde zich in gemotoriseerde en pantsertroepen en stond bekend om zijn praktische leiderschapsstijl aan het front. Balck werd uiteindelijk bevorderd tot General der Panzertruppe en behoorde tot de meest onderscheiden Duitse bevelhebbers van de twintigste eeuw.

Vroege leven en militaire achtergrond

Familie en opleiding

Hermann Balck werd geboren op 7 december 1893 in Danzig-Langfuhr, het huidige Wrzeszcz in Polen. Hij stamde uit een militair gezin. Zijn vader, generaal William Balck, was officier in het Duitse Keizerlijke Leger. Deze achtergrond vormde een stevige basis voor zijn eigen loopbaan in de strijdkrachten.

In april 1913 trad Balck toe tot het Hannoversche Jäger-Bataillon Nr. 10 in Goslar. Later dat jaar begon hij zijn opleiding aan de militaire academie van Hannover, die hij moest onderbreken vanwege het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in augustus 1914.

Eerste Wereldoorlog

Oorlogsdeelname en onderscheidingen

Balck diende als berginfanterist in eenheden die deelnamen aan het westelijk offensief volgens het Schlieffenplan. Hij vocht op diverse fronten: West-Europa, Oost-Europa, Italië en de Balkan. Hij voerde drie jaar het commando over een compagnie en eindigde de oorlog als commandant van een mitrailleurcompagnie.

Tijdens de oorlog raakte hij zeven keer gewond. Voor zijn inzet ontving hij onder meer het IJzeren Kruis Eerste Klasse. In oktober 1918 werd hij voorgedragen voor de Pour le Mérite, de hoogste Pruisische onderscheiding, maar de wapenstilstand voorkwam verdere verwerking van zijn voordracht.

Interbellum en militaire hervormingen

Dienst in de Reichswehr

Na de oorlog bleef Balck actief in het leger. Hij behoorde tot de circa 4000 officieren die werden toegelaten tot de sterk gereduceerde Reichswehr. In 1922 werd hij overgeplaatst naar het 18e Cavalerie Regiment. Hij bleef hier twaalf jaar, wat opmerkelijk was aangezien hij tweemaal een benoeming tot de Duitse generale staf afwees, een traject dat gewoonlijk leidde tot hogere functies. Balck koos bewust voor het veldcommando.

Tweede Wereldoorlog

Aanloop tot het front

Aan het begin van de oorlog was Balck werkzaam binnen het Oberkommando des Heeres (OKH), bij de Inspectie voor Gemotoriseerde Troepen. In oktober 1939 kreeg hij het bevel over een gemotoriseerd regiment van de 1e Pantserdivisie, waarmee hij deelnam aan de Slag om Frankrijk in 1940. Zijn regiment speelde een centrale rol bij de oversteek van de Maas nabij Sedan.

Campagnes in Griekenland en het Oostfront

Tijdens de Balkanveldtocht in 1941 voerde Balck het commando over een pantserregiment en later een pantserbrigade. In mei 1942 werd hij bevelhebber van de 11e Pantserdivisie aan het Oostfront. Hier kreeg hij te maken met het ineenstorten van het Duitse zuidelijke front na de Sovjetoperatie Uranus en de omsingeling van het 6e Leger bij Stalingrad.

In de strijd langs de rivier de Chir vernietigde Balcks divisie een volledig Sovjetpantserkorps en een groot deel van het 5e Sovjetpantserleger. Deze acties leverden hem de zeldzame onderscheiding op van het Ridderkruis met Eikenloof, Zwaarden en Briljanten.

Verdere bevelen en bevel over legereenheden

Groep Großdeutschland en XIV Pantserkorps

In 1943 kreeg Balck het bevel over de elite-eenheid Division Großdeutschland. Later dat jaar werd hij kort uitgezonden naar Italië als commandant van het XIV Pantserkorps. Eind 1943 keerde hij terug naar het Oostfront als bevelhebber van het XLVIII Pantserkorps.

In juli 1944 voerde hij dit korps aan tijdens het begin van het Sovjetoffensief bij Lviv en Sandomierz. Hij was betrokken bij de mislukte poging tot ontzetting van het ingesloten XIII Legerkorps in de Brody-pocket.

Bevel over het 4e Pantserleger en Legergroep G

In augustus 1944 kreeg Balck het commando over het 4e Pantserleger. In september werd hij overgeplaatst naar het westfront, waar hij Generaal Blaskowitz opvolgde als commandant van Legergroep G in de Elzas. Ondanks zijn inspanningen kon hij de geallieerde opmars onder leiding van generaal George S. Patton niet keren.

Laatste bevelen en overgave

In december 1944 werd Balck uit zijn functie ontheven en overgebracht naar de reservelijst. Kort daarop werd hij, op aandringen van generaal Guderian, benoemd tot bevelhebber van de heropgerichte 6e Leger in Hongarije. Deze eenheid gaf zich op 8 mei 1945 over aan het Amerikaanse XXe Korps in Oostenrijk.

Na de oorlog

Gevangenschap en rechtszaken

Na de capitulatie werd Balck krijgsgevangen genomen door de Amerikanen. Hij weigerde deel te nemen aan de geschiedkundige evaluaties van de Amerikaanse legerleiding. Na zijn vrijlating werkte hij als magazijnmedewerker.

In 1948 werd hij gearresteerd vanwege de onwettige executie van artilleriecommandant Johann Schottke. Deze gebeurtenis vond plaats in november 1944 bij Saarbrücken. Schottke, aangetroffen onder invloed van alcohol en zonder bevelen uitgevoerd te hebben, werd door Balck zonder formeel krijgsraadproces geëxecuteerd. Hiervoor werd Balck veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf, waarvan hij achttien maanden uitzat.

In 1950 werd Balck door een Frans militair tribunaal in Colmar bij verstek veroordeeld tot twintig jaar dwangarbeid voor zijn rol in Operation Waldfest, een terugtrekkingsactie waarbij de tactiek van de verschroeide aarde werd toegepast. Hij werd echter nooit uitgeleverd.

Laatste jaren

In de jaren zeventig en tachtig nam Balck samen met Friedrich von Mellenthin deel aan militaire seminars voor NAVO-functionarissen aan het US Army War College in Carlisle, Pennsylvania. Hij overleed op 29 november 1982 in Eberbach-Rockenau.

Beoordeling van zijn loopbaan

Militair leiderschap

Militaire historici beschouwen Balck als een bedreven commandant van pantsertroepen. Zijn tactische inzet van de 11e Pantserdivisie tijdens de veldslagen aan de rivier de Chir in 1942 wordt vaak genoemd als voorbeeld van effectief divisiecommando. De Amerikaanse generaal William DePuy noemde Balck “mogelijk de beste divisiecommandant van het Duitse leger”.

Friedrich von Mellenthin beschrijft Balck uitgebreid in zijn memoires Panzer Battles. Balck’s voorkeur voor praktische ervaring boven een stafcarrière komt hierin duidelijk naar voren.

Militaire rangen en onderscheidingen

Promoties

  • Majoor – 1 juni 1935
  • Oberstleutnant – 1 februari 1938
  • Oberst – 1 augustus 1940
  • Generalmajor – 15 juli 1942
  • Generalleutnant – 21 januari 1943
  • General der Panzertruppe – 12 november 1943

Belangrijke onderscheidingen

  • IJzeren Kruis 1914, Tweede en Eerste Klasse
  • Ridder in de Huisorde van Hohenzollern met zwaarden
  • Militair Kruis Oostenrijk-Hongarije, Derde Klasse
  • Orde van Dapperheid, Bulgarije
  • Gewondeninsigne in goud
  • IJzeren Kruis 1939 met gesp, Tweede en Eerste Klasse
  • Ridderkruis van het IJzeren Kruis met Eikenloof, Zwaarden en Briljanten

Conclusie

Hermann Balck had een langdurige en complexe militaire carrière die zich uitstrekte over twee wereldoorlogen. Zijn voorkeur voor operationele leiding aan het front boven een carrière in de generale staf, zijn betrokkenheid bij diverse campagnes, en zijn rol in de tactische verdediging tegen Sovjetoffensieven hebben hem een plaats bezorgd in de militaire geschiedschrijving. Tegelijkertijd werpen controversiële beslissingen tijdens de oorlog, zoals de executie van een ondergeschikte, een schaduw over zijn nalatenschap. Desondanks blijft zijn inzet en bekwaamheid als pantsercommandant onderwerp van studie in militaire opleidingen.

Bronnen en meer informatie

  1. Afbeelding: Bundesarchiv, Bild 101I-732-0118-03 / Bauer / CC-BY-SA 3.0CC BY-SA 3.0 DE, via Wikimedia Commons
  2. Balck, Hermann (1981). Ordnung im Chaos: Erinnerungen 1893–1948. Osnabrück: Biblio-Verlag. ISBN 3-7648-1176-5.
  3. Balck, Hermann (2015). Order in Chaos: The Memoirs of General of Panzer Troops Hermann Balck. Ed. David T. Zabecki & Dieter J. Biedekarken. Lexington: University Press of Kentucky. ISBN 978-0-8131-6126-6.
  4. Glantz, David M.; House, Jonathan (2009). To the Gates of Stalingrad: Soviet–German Combat Operations, April–August 1942. Lawrence, KS: University Press of Kansas. ISBN 978-0-7006-1630-5.
  5. Mellenthin, Friedrich-Wilhelm von (1956). Panzer Battles: A Study of the Employment of Armor in the Second World War. Old Saybrook, CT: Konecky & Konecky. ISBN 1-56852-578-8.
  6. Scherzer, Veit (2007). Die Ritterkreuzträger 1939–1945: Die Inhaber des Ritterkreuzes des Eisernen Kreuzes 1939. Jena: Scherzers Militaer-Verlag. ISBN 978-3-938845-17-2.
  7. Thomas, Franz; Wegmann, Günter (1987). Die Ritterkreuzträger der Deutschen Wehrmacht 1939–1945 Teil III: Infanterie Band 1: A–Be. Osnabrück: Biblio-Verlag. ISBN 978-3-7648-1153-2.
  8. Thomas, Franz (1997). Die Eichenlaubträger 1939–1945 Band 1: A–K. Osnabrück: Biblio-Verlag. ISBN 978-3-7648-2299-6.
  9. Ziemke, Earl F. (2002). Stalingrad to Berlin: The German Defeat in the East. Washington D.C.: Center of Military History, United States Army. ISBN 978-1-78039-287-5.
  10. Bronnen Mei1940

 

Previous articleRodion Malinovski: Sovjetmaarschalk en minister
Next articleOperatie Waldfest: Nazi-vergeldingsactie in de Vogezen
Redactie Mei 1940
De redactie van mei1940.org bestaat uit een diverse groep schrijvers met een gemeenschappelijke interesse in de Tweede Wereldoorlog. Sommigen hebben een militaire achtergrond en brengen praktijkervaring en strategisch inzicht mee, terwijl anderen een academische of wetenschappelijke opleiding hebben gevolgd, zoals aan de Koninklijke Militaire Academie (KMA) of in historisch onderzoek. Deze combinatie van expertise zorgt voor diepgaande, goed onderbouwde artikelen die zowel feitelijk accuraat als analytisch sterk zijn. De redactie streeft ernaar om objectieve en goed gedocumenteerde informatie te bieden, waarbij kennis en ervaring samenkomen om een genuanceerd beeld te schetsen van deze ingrijpende periode in de geschiedenis.