Home Personen Duits Rudolf Höss – Commandant van Auschwitz

Rudolf Höss – Commandant van Auschwitz

Rudolf Höss tijdens zijn proces in Warschau na de Tweede Wereldoorlog, voorafgaand aan zijn veroordeling en executie in Auschwitz.
Rudolf Höss, voormalig kampcommandant van Auschwitz, tijdens zijn proces in Warschau. Hij werd veroordeeld en opgehangen in 1947.

Rudolf Höss was een Duitse SS-officier en commandant van het concentratiekamp Auschwitz tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hij speelde een centrale rol bij de uitvoering van het nationaalsocialistische vernietigingsbeleid. Höss was verantwoordelijk voor de organisatie en uitvoering van massamoord op grote schaal. Na de oorlog werd hij gearresteerd, berecht en geëxecuteerd wegens oorlogsmisdaden. Zijn leven, carrière en nalatenschap geven inzicht in de structuur van het naziregime en de werking van de vernietigingskampen binnen het concentratiekampensysteem.

Vroege leven en opleiding

Rudolf Franz Ferdinand Höss werd op 25 november 1901 geboren in Baden-Baden in het Duitse Keizerrijk. Hij was het oudste kind en de enige zoon in een streng katholiek gezin. Zijn vader, Franz Xaver Höss, was een oud-officier in Duits Oost-Afrika en runde een handel in thee en koffie. De opvoeding van Rudolf stond in het teken van religieuze discipline en gehoorzaamheid. Zijn vader wilde dat hij priester zou worden, maar Rudolf week al vroeg af van dit pad. Op jonge leeftijd werd hij, naar eigen zeggen, tijdelijk ontvoerd door rondtrekkende Roma, een bewering die niet is bevestigd.

Höss bezocht de lagere school en kreeg vanaf zijn vroege jeugd vooral omgang met volwassenen. Zijn religieuze overtuigingen begonnen af te nemen toen hij ervoer dat een priester het biechtgeheim had geschonden door zijn vader in te lichten over een incident op school. Kort daarna overleed zijn vader, wat mede bijdroeg aan Höss’ verwijdering van het katholicisme.

Deelname aan de Eerste Wereldoorlog

Tijdens de Eerste Wereldoorlog meldde Höss zich als jong tiener aan bij een militair hospitaal. In 1915, op 14-jarige leeftijd, trad hij in dienst bij het 21ste Regiment Dragonders, hetzelfde regiment waarin zijn vader en grootvader hadden gediend. Hij vocht onder meer in Mesopotamië en Palestina, samen met de Ottomaanse strijdkrachten.

Höss werd driemaal gewond, kreeg malaria en werd onderscheiden met onder andere het IJzeren Kruis Eerste en Tweede Klasse. Op 17-jarige leeftijd had hij de rang van sergeant bereikt en zou daarmee de jongste onderofficier in het Duitse leger zijn geweest. Na de wapenstilstand in 1918 keerde hij via Roemenië terug naar Beieren.

Interbellum: radicalisering en gevangenisstraf

Na zijn terugkeer uit de oorlog sloot Höss zich aan bij verschillende nationalistische en paramilitaire formaties, waaronder het Roßbach-Freikorps. Deze groep was betrokken bij gewelddadige acties in onder andere de Baltische staten en Silezië. In deze periode maakte Höss kennis met ideologisch geweld en het gebruik van terreur als politiek instrument. Hij trad in 1922 toe tot de NSDAP (lidnummer 3240) en distantieerde zich definitief van de katholieke kerk.

Op 31 mei 1923 nam Höss deel aan de moord op de onderwijzer Walther Kadow. Kadow werd door leden van het Freikorps verdacht van verraad dat leidde tot de arrestatie van sabotagepleger Albert Leo Schlageter. Martin Bormann, later Hitlers privésecretaris, was medepleger. Höss werd gearresteerd, berecht en tot tien jaar gevangenisstraf veroordeeld. Hij zat vier jaar uit in de gevangenis van Brandenburg, waar hij gunstige behandeling genoot vanwege zijn politieke overtuiging en voorbeeldig gedrag.

Na zijn vrijlating in 1928 sloot hij zich aan bij de Artamanenbond, een beweging die landbouw en rurale levensstijl promootte. Daar ontmoette hij Hedwig Hensel, met wie hij in 1929 trouwde. Ze kregen vijf kinderen. In deze periode woonde het gezin op verschillende boerderijen in Pommeren, waar Höss zijn militaire ervaring met paarden gebruikte voor de paardenfokkerij.

Deelname aan de Tweede Wereldoorlog

Op 1 april 1934 trad Höss toe tot de SS, waarin hij werd opgeleid tot kampfunctionaris onder leiding van Theodor Eicke. Hij begon als blokleider in Dachau en werd in 1938 bevorderd tot SS-Hauptsturmführer in het kamp Sachsenhausen. Hier was hij betrokken bij de executie van de dienstweigeraar August Dickmann, de eerste Jehova’s Getuige die om die reden werd geëxecuteerd tijdens de oorlog.

In mei 1940 werd Höss aangesteld als commandant van het nieuw opgerichte concentratiekamp Auschwitz, dat oorspronkelijk bedoeld was als gevangenkamp voor Poolse politieke gevangenen. Onder zijn leiding ontwikkelde het kamp zich tot het grootste vernietigingscentrum van het Derde Rijk. Hij organiseerde de uitbouw van het kampcomplex tot drie hoofdlocaties: Auschwitz I (hoofdcomplex), Auschwitz II-Birkenau (vernietigingskamp), en Auschwitz III-Monowitz (werkkamp). Höss introduceerde het gebruik van Zyklon B als moordmiddel, dat door zijn ondergeschikte Karl Fritzsch was voorgesteld.

In juni 1941 kreeg Höss persoonlijk opdracht van Heinrich Himmler om Auschwitz in te richten als centrum voor de “Endlösung”, de systematische vernietiging van Europese Joden. Höss werkte daarbij nauw samen met Adolf Eichmann. In de jaren daarna werd Auschwitz het middelpunt van de Holocaust, waar naar schatting meer dan een miljoen mensen werden omgebracht, grotendeels door vergassing in speciaal gebouwde crematoria.

Tijdens de operatie tegen de Hongaarse Joden in 1944, onder de codenaam “Aktion Höss”, kwamen in slechts acht weken meer dan 400.000 mensen in Auschwitz aan. Het aantal slachtoffers was zo groot dat lichamen in open lucht moesten worden verbrand wegens capaciteitsgebrek in de crematoria.

Dank je voor je goedkeuring. Hieronder volgt deel 2 van het artikel over Rudolf Höss. Dit deel bevat de resterende hoofdstukken, de conclusie en een correcte bronnenlijst volgens jouw instructies.

Na de oorlog

Na de ineenstorting van nazi-Duitsland in april 1945, dook Rudolf Höss onder. Op advies van Heinrich Himmler nam hij de identiteit aan van “Franz Lang” en werkte onder die naam als tuinman in Gottrupel, Schleswig-Holstein. Zijn vrouw en kinderen verbleven in de nabijgelegen plaats Michaelisdonn. Hij wist bijna een jaar uit handen van de geallieerden te blijven.

In maart 1946 werd hij opgespoord door de Britse kapitein Hanns Alexander, een Duits-Joodse nazi-jager in dienst van de Royal Pioneer Corps. Höss werd gearresteerd na ondervraging van zijn familieleden, waarbij zijn ware identiteit werd onthuld aan de hand van zijn trouwring. Tijdens zijn arrestatie trachtte hij zelfmoord te plegen met een cyanidecapsule, maar slaagde hier niet in.

Höss werd in mei 1946 uitgeleverd aan Polen, waar hij werd berecht door het Poolse Hoogste Nationale Tribunaal in Krakau. Tijdens zijn gevangenschap schreef hij op verzoek van de Poolse autoriteiten zijn memoires, later internationaal gepubliceerd onder de titel Commandant of Auschwitz. Op 2 april 1947 werd hij ter dood veroordeeld. De executie vond plaats op 16 april 1947 in Auschwitz, vlakbij het voormalige crematorium I.

Militaire rangen

Rudolf Höss vervulde zowel militaire als paramilitaire functies:

  • Feldwebel (sergeant) – Duitse leger, Eerste Wereldoorlog
  • SS-Anwärter – sinds 1933
  • SS-Hauptsturmführer (kapitein) – 1938
  • SS-Obersturmbannführer (luitenant-kolonel) – hoogste rang als commandant van Auschwitz

Onderscheidingen

Rudolf Höss ontving tijdens zijn militaire loopbaan diverse onderscheidingen, voornamelijk tijdens de Eerste Wereldoorlog:

  • IJzeren Kruis, Eerste Klasse
  • IJzeren Kruis, Tweede Klasse
  • Halve Maan (Ottomaanse onderscheiding)
  • Verwundetenabzeichen (verwondingsinsigne)
  • Dienstonderscheidingen binnen de SS (onderscheidingen voor trouwe dienst)

Er zijn geen bekende onderscheidingen toegekend voor zijn activiteiten tijdens de Tweede Wereldoorlog binnen de SS.

Conclusie

Rudolf Höss was een centrale uitvoerder binnen het vernietigingsapparaat van het Derde Rijk. Zijn rol als commandant van Auschwitz maakte hem medeverantwoordelijk voor de dood van honderdduizenden mensen. Zijn bekentenissen, processen en memoires vormen een belangrijk historisch document over de werking van het concentratiekampensysteem en de systematiek van de Holocaust.

Zijn leven illustreert hoe een individu, onder invloed van ideologie en hiërarchische gehoorzaamheid, betrokken raakte bij georganiseerde massamoord. Höss handelde binnen de kaders van een regime dat industrialisatie van moord centraal stelde. Ondanks zijn latere erkenning van schuld blijft zijn verantwoordelijkheid voor de gepleegde misdaden onbetwist.

Bronnen en meer informatie

  1. Afbeelding:
  2. Browning, Christopher R. (2004). The Origins of the Final Solution: The Evolution of Nazi Jewish Policy, September 1939 – March 1942. Lincoln: University of Nebraska Press. ISBN 978-0-8032-1327-2.
  3. Evans, Richard J. (2003). The Coming of the Third Reich. New York: Penguin Books. ISBN 978-0-14-303469-8.
  4. Evans, Richard J. (2008). The Third Reich at War. New York: Penguin Group. ISBN 978-0-14-311671-4.
  5. Höß, Rudolf (1959). Commandant of Auschwitz: The Autobiography of Rudolf Höß. Cleveland: World Publishing Company. ISBN 978-1842120248.
  6. Gilbert, Gustave (1995). Nuremberg Diary. Boston: Da Capo Press. ISBN 978-0-306-80661-2.
  7. Primomo, John W. (2020). Architect of Death at Auschwitz: A Biography of Rudolf Höss. Jefferson, NC: McFarland & Company. ISBN 978-1-4766-8146-7.
  8. Pressac, Jean-Claude & van Pelt, Robert-Jan (1994). “The Machinery of Mass Murder at Auschwitz”, in Gutman, Yisrael; Berenbaum, Michael (eds.). Anatomy of the Auschwitz Death Camp. Bloomington: Indiana University Press. ISBN 978-0-253-32684-3.
  9. Wachsmann, Nikolaus (2015). KL: A History of the Nazi Concentration Camps. London: Little, Brown Book Group. ISBN 978-1-4087-0556-8.
  10. Bronnen voor historisch onderzoek 1800–1946
Previous articleHMS Urchin (R99): Britse torpedobootjager en fregat
Next articleViceadmiraal Ralph Leatham en zijn maritieme loopbaan
Redactie Mei 1940
De redactie van mei1940.org bestaat uit een diverse groep schrijvers met een gemeenschappelijke interesse in de Tweede Wereldoorlog. Sommigen hebben een militaire achtergrond en brengen praktijkervaring en strategisch inzicht mee, terwijl anderen een academische of wetenschappelijke opleiding hebben gevolgd, zoals aan de Koninklijke Militaire Academie (KMA) of in historisch onderzoek. Deze combinatie van expertise zorgt voor diepgaande, goed onderbouwde artikelen die zowel feitelijk accuraat als analytisch sterk zijn. De redactie streeft ernaar om objectieve en goed gedocumenteerde informatie te bieden, waarbij kennis en ervaring samenkomen om een genuanceerd beeld te schetsen van deze ingrijpende periode in de geschiedenis.