Home Vliegtuigen Strategische Bommenwerpers Piaggio P.50: Italiaans prototype zware bommenwerper 1930s

Piaggio P.50: Italiaans prototype zware bommenwerper 1930s

Italiaans Piaggio P.50-I prototype van een zware bommenwerper, ontworpen in de jaren 1930 voor de Regia Aeronautica.
Het Piaggio P.50-I prototype, een Italiaanse zware bommenwerper ontwikkeld in de late jaren 1930 voor de Regia Aeronautica.

De Piaggio P.50 was een Italiaans prototype van een zware bommenwerper, ontworpen en gebouwd door Piaggio voor de Regia Aeronautica, de Italiaanse Koninklijke Luchtmacht, in de late jaren 1930. Het toestel kende twee varianten, de P.50-I en de P.50-II, maar er werd uiteindelijk geen massaproductie gerealiseerd.

Ontwerp en ontwikkeling

De Piaggio P.50 was het eerste ontwerp van Giovanni Casiraghi, die werkte volgens een projectplan dat was opgesteld door Piaggio-ontwerper Giovanni Pegna. De P.50 was een zware bommenwerper met vier motoren, bedoeld om de capaciteit van de Regia Aeronautica uit te breiden. Het toestel werd echter nooit massaal geproduceerd en bleef beperkt tot de bouw van slechts drie prototypes. De ervaring die Piaggio opdeed met de ontwikkeling van de P.50 was echter van cruciaal belang voor latere ontwerpen, zoals de Piaggio P.108, een zware bommenwerper die wel in gebruik werd genomen tijdens de Tweede Wereldoorlog.

P.50-I: Het eerste prototype

Het eerste model, de P.50-I, was een hoogdekker, wat betekent dat de vleugels bovenaan de romp waren bevestigd. Dit gaf het vliegtuig een goede stabiliteit en zichtbaarheid, wat belangrijk was voor zware bommenwerpers. Het toestel had één grote staartvin en roer en was uitgerust met vier Isotta-Fraschini Asso XI.RC V12-motoren, elk met een vermogen van 544 kilowatt (730 pk).

Deze motoren waren in tandemparen op de vleugels gemonteerd, waarbij twee van de motoren in een trekkerconfiguratie (tractor) stonden en de andere twee in een duwerconfiguratie (pusher). Dit ontwerp was ongebruikelijk en bracht enkele aerodynamische uitdagingen met zich mee. De bewapening van de P.50-I bestond uit drie machinegeweren, waaronder een geschutskoepel in de neus van het toestel.

Eerste vlucht en prototypes

De eerste van de twee prototypes van de P.50-I, met registratie MM369, maakte zijn eerste vlucht in 1937. Het tweede prototype, MM370, werd echter beschadigd tijdens een landingsongeluk op het vliegveld van Malpensa in 1938. Ondanks de ambitieuze aard van het ontwerp, besloot de Regia Aeronautica geen productieorder voor de P.50-I te plaatsen.

P.50-II: Verbeterd ontwerp

In 1938 presenteerde Piaggio een verbeterde versie van de bommenwerper, de P.50-II. Dit model behield enkele basiskenmerken van zijn voorganger, zoals de hoogdekkerconfiguratie, maar introduceerde belangrijke wijzigingen. De P.50-II werd uitgerust met vier Piaggio P.XI RC.40 radiaalmotoren, elk met een vermogen van 746 kilowatt (1.001 pk), wat zorgde voor een aanzienlijke verbetering in motorvermogen en betrouwbaarheid ten opzichte van de vloeistofgekoelde motoren van de P.50-I.

In plaats van de tandemconfiguratie met duwer- en trekkersystemen, waren de vier motoren van de P.50-II apart gemonteerd, waarbij alle vier de propellers in een trekkerconfiguratie stonden. Dit verbeterde de aerodynamische efficiëntie en verminderde de complexiteit van het ontwerp. De bewapening werd ook uitgebreid tot vijf 12,7 mm machinegeweren, waarmee de defensieve capaciteit van het vliegtuig werd versterkt.

Gebrek aan productie

Ondanks deze verbeteringen werd ook voor de P.50-II geen massaproductieorder geplaatst. Het enige prototype, aangeduid als MM371, bleef het enige exemplaar van deze versie. Piaggio verlegde de focus van zijn ontwerpactiviteiten naar de ontwikkeling van de Piaggio P.108, een viermotorige zware bommenwerper die in de Tweede Wereldoorlog wel operationeel zou zijn.

Technische specificaties

Onderstaand overzicht biedt een gedetailleerd beeld van de technische specificaties van de Piaggio P.50, met de nadruk op de P.50-I, aangezien de P.50-II slechts in één prototype werd gebouwd.

Algemene kenmerken P.50-I

  • Lengte: 19,81 meter
  • Spanwijdte: 25,79 meter
  • Hoogte: 4,75 meter
  • Vleugeloppervlak: 100 vierkante meter
  • Leeggewicht: 12.973 kilogram
  • Maximum startgewicht: 19.958 kilogram
  • Motoren: 4 × Isotta-Fraschini Asso XI.RC vloeistofgekoelde V12-motoren, 544 kW (730 pk) elk

Prestatiegegevens P.50-I

  • Maximale snelheid: 430 km/u (270 mph, 230 knopen)
  • Bereik: 2.998 km (1.863 mijl, 1.619 zeemijl)
  • Klimtijd: 22 minuten naar 4.000 meter (13.120 voet)

Bewapening

  • Machinegeweren: 3 × 12,7 mm machinegeweren
  • Bomlast: 2.500 kilogram (5.500 pond) bommen

Varianten van de Piaggio P.50

Hoewel er geen seriële productie was, zijn er twee hoofduitvoeringen van de Piaggio P.50:

  • P.50-I: Dit model had vier motoren gemonteerd in tandemconfiguratie (duwer-trekker) met twee propellers in trekkerspositie en twee in duwerspositie. Twee exemplaren van deze versie werden gebouwd.
  • P.50-II: In deze versie waren vier krachtigere motoren in aparte gondels gemonteerd, elk met hun eigen propeller in trekkersconfiguratie. Er werd slechts één exemplaar gebouwd.

Invloed op de ontwikkeling van de Piaggio P.108

Hoewel de Piaggio P.50 geen succes werd in termen van productie of inzet, had het ontwerp een aanzienlijke invloed op Piaggio’s latere ontwikkeling van zware bommenwerpers. De lessen die werden geleerd uit de ontwikkeling en bouw van de P.50-prototypes, werden toegepast op de Piaggio P.108, een vliegtuig dat wel de goedkeuring van de Regia Aeronautica kreeg en dat in beperkte aantallen dienstdeed tijdens de Tweede Wereldoorlog.

De Piaggio P.108 was een modernere en geavanceerdere zware bommenwerper, uitgerust met vier motoren en verbeterde aerodynamica. Het succes van de P.108, hoewel relatief beperkt, was deels te danken aan de ervaring die Piaggio had opgedaan met de eerdere P.50-prototypes.

Conclusie

De Piaggio P.50 was een ambitieus project dat tot doel had Italië een moderne zware bommenwerper te geven in de aanloop naar de Tweede Wereldoorlog. Hoewel het vliegtuig innovatieve kenmerken had, zoals de tandemconfiguratie van motoren in de P.50-I en de verbeterde motorisering in de P.50-II, werd het toestel nooit in massaproductie genomen. De ervaring die Piaggio opdeed met de ontwikkeling van de P.50-prototypes bleek echter waardevol voor de latere ontwikkeling van de Piaggio P.108, die wel operationeel was tijdens de oorlog.

Bronnen

  1. Lembo, Daniele. Italian Civil and Military Aircraft 1930–1945. Rome: IBN Editore, 2005.
  2. Angelucci, Enzo. The American Fighter: The Definitive Guide to American Fighter Aircraft From 1917 to the Present. New York: Orion Books, 1987.
  3. Afbeelding: Uncredited, Public domain, via Wikimedia Commons
  4. Bronnen Mei1940