Jenny-Wanda Barkmann was een Duitse vrouwelijke kampbewaakster in concentratiekamp Stutthof tijdens de Tweede Wereldoorlog. Zij werkte in 1944 als SS-Aufseherin in het vrouwenkamp en werd na de oorlog berecht in het eerste Stutthof-proces. Barkmann werd schuldig bevonden aan misdrijven tegen de menselijkheid en op 4 juli 1946 in Gdańsk geëxecuteerd.
Vroege leven en opleiding
Jenny-Wanda Barkmann werd geboren op 30 mei 1922 in Hamburg, in de periode van de Weimarrepubliek. Over haar jeugd, gezinssituatie en opleiding is weinig gedocumenteerd in openbaar beschikbare historische beschrijvingen. Daardoor kan haar vroege leven slechts beperkt worden gereconstrueerd. De beschikbare gegevens plaatsen haar vooral in Hamburg, voordat zij tijdens de oorlog in dienst kwam van het kampbewakingssysteem van de SS.
In sommige Nederlandstalige beschrijvingen wordt Barkmann aangeduid als verpleegster. Haar gedocumenteerde rol in Stutthof was echter die van Aufseherin, een vrouwelijke kampbewaakster binnen het SS-kampsysteem. Deze functie was geen gewone medische taak en hoorde bij de bewaking, controle en selectie van gevangenen. Voor een nauwkeurige beschrijving is daarom vooral haar functie in Stutthof van belang.
Over haar opleiding bestaan geen betrouwbare details die voldoende vaststaan. Er zijn geen bekende gegevens over een afgeronde beroepsopleiding, militaire scholing vóór 1944 of een langere loopbaan voordat zij in Stutthof terechtkwam. Dat maakt haar biografie ongelijk verdeeld: haar jeugd is slechts kort bekend, terwijl haar daden in het kamp en haar proces veel duidelijker zijn vastgelegd.
Interbellum: Hamburg en jonge jaren
Barkmann groeide op in een Duitsland dat na de Eerste Wereldoorlog politiek en economisch instabiel was. Hamburg was een grote havenstad, met handelscontacten, industrie en sociale spanningen. Haar geboortejaar 1922 viel in een periode waarin de Weimarrepubliek te maken had met inflatie, politieke strijd en later de opkomst van het nationaalsocialisme. Deze achtergrond verklaart de tijd waarin zij volwassen werd, maar vormt geen verklaring voor haar latere daden.
Vanaf 1933 stond Duitsland onder nationaalsocialistisch bestuur. Barkmann was toen nog een kind en bereikte haar volwassen leeftijd tijdens de oorlogsjaren. Over haar persoonlijke politieke ontwikkeling is niets met zekerheid bekend. Daarom moet onderscheid worden gemaakt tussen de algemene Duitse context en haar individuele keuzes. Vast staat dat zij in 1944 betrokken raakte bij het SS-bewakingssysteem van concentratiekamp Stutthof.
Het interbellum eindigde voor Duitsland met de aanval op Polen op 1 september 1939. Kort daarna werd Stutthof opgericht in de omgeving van Danzig, het huidige Gdańsk. Aanvankelijk functioneerde Stutthof als interneringskamp, maar later werd het onderdeel van het systeem van concentratiekampen. Barkmann was op dat moment nog niet in het kamp actief. Haar naam komt pas in de laatste fase van de oorlog naar voren.
Deelname aan de Tweede Wereldoorlog
Barkmanns betrokkenheid bij de Tweede Wereldoorlog ligt in haar werk als vrouwelijke kampbewaakster in Stutthof. In 1944 meldde zij zich aan bij het SS-systeem en werd zij Aufseherin in het vrouwenkamp SK-III, een onderdeel van het kampcomplex Stutthof in bezet Polen. De functie van Aufseherin bestond uit bewaking, controle, het afdwingen van kampregels en toezicht op vrouwelijke gevangenen.
Stutthof lag bij het dorp Stutthof, tegenwoordig Sztutowo, ten oosten van Gdańsk. Het kamp werd vanaf 1939 gebruikt voor gevangenen uit verschillende groepen, onder wie Poolse gevangenen, Joden, politieke gevangenen en mensen die voor dwangarbeid werden ingezet. Vanaf 1942 kreeg Stutthof de status van regulier concentratiekamp. In 1944 was het kamp uitgegroeid tot een netwerk van hoofd- en nevenkampen.
De omstandigheden in Stutthof waren zwaar en dodelijk. Gevangenen werden ingezet voor dwangarbeid, leden onder voedseltekort, ziekte, geweld en uitputting, en een deel van hen werd vermoord. In 1944 werd in Stutthof ook gebruikgemaakt van een gaskamer. Tegen deze achtergrond moet Barkmanns functie worden geplaatst: zij werkte niet aan de rand van het systeem, maar binnen een kampstructuur waarin bewaking en moordpraktijken met elkaar verbonden waren.
Volgens naoorlogse beschrijvingen mishandelde Barkmann vrouwelijke gevangenen en was zij betrokken bij selecties van vrouwen en kinderen voor de gaskamer. Gevangenen gaven haar de bijnaam “het mooie spook”. Die bijnaam verwees naar de manier waarop gevangenen haar uiterlijk en haar optreden als bewaakster naast elkaar plaatsten. Voor een historische beschrijving is vooral van belang dat de bijnaam uit de gevangenenwereld kwam en verbonden was met haar gedrag in het kamp.
De rol van vrouwelijke kampbewaaksters was onderdeel van een bredere organisatie binnen het concentratiekampsysteem. Vrouwen zoals Barkmann waren meestal geen volwaardige leden van de SS, maar maakten deel uit van de SS-Gefolge, een hulpcategorie die voor de SS werkte. In de praktijk hadden zij direct gezag over gevangenen. Daardoor konden zij een actieve rol spelen in mishandeling, dwangarbeid, selectie en dagelijkse kampdiscipline.
In het vrouwenkamp van Stutthof betekende toezicht meer dan alleen aanwezigheid bij barakken of werkplaatsen. Bewaaksters konden gevangenen straffen, verplaatsen, intimideren en aanwijzen voor werk of selectie. De grens tussen administratieve functie, bewaking en deelname aan geweld was daardoor vaak klein. Bij Barkmann werd na de oorlog vastgesteld dat haar handelen niet beperkt bleef tot gewone bewaking, maar verband hield met ernstige misdrijven tegen gevangenen.
Latere beschrijvingen vermelden dat Barkmann buiten het kamp door sommige familieleden of bekenden als behulpzaam of vriendelijk werd herinnerd. Zulke herinneringen zijn historisch beperkt bruikbaar wanneer zij niet worden ondersteund door processtukken of kampgetuigenissen. De rechterlijke beoordeling ging over haar handelingen in Stutthof. Daaruit volgde een veroordeling, niet op basis van haar reputatie buiten het kamp, maar op basis van haar rol binnen het kamp.
Barkmanns loopbaan in Stutthof duurde kort, maar viel in een fase waarin het kamp bijzonder dodelijk was. In 1944 en begin 1945 nam de druk op het kamp toe door de nadering van het Rode Leger. Evacuaties, selecties en geweld namen toe in de laatste oorlogsmaanden. Barkmann verliet Stutthof voordat zij door de geallieerde of Poolse autoriteiten werd opgepakt.
Na de oorlog
Na de ineenstorting van nazi-Duitsland vluchtte Barkmann uit Stutthof en hield zij zich schuil in Gdańsk. In mei 1945 werd zij op een treinstation in die stad gearresteerd. De arrestatie vond plaats in een periode waarin voormalige kampfunctionarissen, bewakers en collaborateurs werden opgespoord. Gdańsk, dat tijdens de oorlog nauw verbonden was met het kamp Stutthof, werd een plaats waar verschillende verdachten werden vastgezet en ondervraagd.
In 1946 werd Barkmann berecht in het eerste Stutthof-proces in Gdańsk. Zij stond daar terecht met andere voormalige kampfunctionarissen en personen die in het kampapparaat hadden gewerkt. Het proces richtte zich op misdrijven die in Stutthof waren gepleegd tegen gevangenen. Barkmann werd aangeklaagd vanwege haar rol als kampbewaakster en haar deelname aan geweld en selecties.
De rechtbank veroordeelde Barkmann wegens misdrijven tegen de menselijkheid. Na haar veroordeling werd zij ter dood veroordeeld door ophanging. Aan haar wordt de uitspraak toegeschreven: “Het leven is een genot en genot is gewoonlijk kort.” Deze uitspraak wordt vaak genoemd in korte biografische beschrijvingen van haar proces. De betekenis ervan verandert niets aan de juridische uitkomst van de zaak.
Op 4 juli 1946 werd Barkmann samen met tien andere veroordeelden geëxecuteerd op Biskupia Górka bij Gdańsk. De executie was openbaar en werd uitgevoerd door ophanging met korte val. Onder de geëxecuteerden bevonden zich meerdere vrouwelijke kampbewaaksters uit Stutthof. Voormalige gevangenen van Stutthof boden zich aan om bij de uitvoering van de straffen betrokken te zijn.
Barkmann was 24 jaar oud toen zij stierf. Haar zaak wordt vaak genoemd in overzichten van vrouwelijke kampbewaaksters in nazi-concentratiekampen. Dat komt niet door een lange militaire loopbaan, maar door de combinatie van haar jonge leeftijd, haar functie in het vrouwenkamp van Stutthof, de getuigenissen over geweld en haar veroordeling in het eerste Stutthof-proces.
Het eerste Stutthof-proces had een bredere betekenis voor de naoorlogse berechting van kampmisdrijven in Polen. Het liet zien dat niet alleen kampcommandanten en mannelijke SS’ers werden vervolgd, maar ook vrouwelijke bewaaksters en andere personen die binnen het kampsysteem macht hadden uitgeoefend. Barkmanns zaak maakt daardoor zichtbaar hoe verantwoordelijkheid binnen concentratiekampen ook op uitvoerend niveau werd beoordeeld.
Militaire Rangen
Barkmann had geen gewone militaire rang zoals die in een legerhiërarchie werd gebruikt. Haar bekende functie was Aufseherin, een vrouwelijke kampbewaakster binnen het SS-kampsysteem. Deze positie moet worden gezien als een functie of diensttitel, niet als een klassieke militaire rang. Toch gaf de functie haar directe macht over gevangenen binnen het kamp.
De term SS-Aufseherin betekent vrouwelijke opzichter of bewaakster. Vrouwen in deze positie hielden toezicht op vrouwelijke gevangenen, voerden bevelen uit en namen deel aan de dagelijkse kamporganisatie. Zij stonden onder gezag van mannelijke SS-functionarissen en hogere vrouwelijke toezichthouders. Barkmanns positie was daardoor lager in de formele hiërarchie, maar in de praktijk had zij directe invloed op het leven van gevangenen.
Binnen Stutthof werkte Barkmann in het vrouwenkamp SK-III. Daar werd haar functie verbonden met bewaking, mishandeling en selectie. Zij was dus geen frontsoldaat en voerde geen militaire operaties uit aan het slagveld. Haar deelname aan de oorlog bestond uit dienst binnen het concentratiekampsysteem, waar het onderscheid tussen bewaking, dwangarbeid en vervolging in de dagelijkse praktijk sterk verweven was.
Conclusie
Jenny-Wanda Barkmann was een Duitse kampbewaakster die in 1944 als SS-Aufseherin werkte in het vrouwenkamp van Stutthof. Haar rol bestond uit toezicht op vrouwelijke gevangenen, maar volgens de naoorlogse beoordeling was zij ook betrokken bij mishandeling en selecties voor de gaskamer. Daarmee maakte zij deel uit van het geweldsapparaat van een concentratiekamp in de laatste fase van de Tweede Wereldoorlog.
Na de oorlog werd Barkmann gearresteerd in Gdańsk en berecht in het eerste Stutthof-proces. Zij werd schuldig bevonden aan misdrijven tegen de menselijkheid en op 4 juli 1946 geëxecuteerd. Haar biografie is kort, maar historisch relevant omdat zij laat zien dat ook vrouwelijke kampbewaaksters directe verantwoordelijkheid konden dragen binnen het nazistische concentratiekampsysteem.
Bronnen en meer informatie
- Afbeelding: See page for author, Public domain, via Wikimedia Commons
- Wynn, Stephen (2020). Holocaust: The Nazis’ Wartime Jewish Atrocities. Barnsley: Pen & Sword Military. ISBN 978-1-5267-2822-7.
- Grabowska, Janina (2016). Stutthof: Ein Konzentrationslager vor den Toren Danzigs. Bremen: Edition Temmen. ISBN 978-3-86108-267-5.
- Wachsmann, Nikolaus (2015). KL: A History of the Nazi Concentration Camps. New York: Farrar, Straus and Giroux. ISBN 978-0-374-11825-9.
- Brown, Daniel Patrick (2002). The Camp Women: The Female Auxiliaries Who Assisted the SS in Running the Nazi Concentration Camp System. Atglen: Schiffer Publishing. ISBN 978-0-7643-1444-5.
- Lower, Wendy (2013). Hitler’s Furies: German Women in the Nazi Killing Fields. Boston: Houghton Mifflin Harcourt. ISBN 978-0-547-86338-2.
- Harsch, Donna (2015). Hitler’s Furies: German Women in the Nazi Killing Fields. Central European History 47 (4). DOI 10.1017/S0008938914002088.
- Bronnen voor historisch onderzoek 1800–1946.










