Home Schepen Torpedobootjagers HMS Wessex en Jan van Riebeeck 1944–1980

HMS Wessex en Jan van Riebeeck 1944–1980

Britse torpedobootjager HMS Wessex voor anker tijdens haar inzet in de Tweede Wereldoorlog, zijaanzicht van het schip.
De Britse torpedobootjager HMS Wessex (R78) ligt voor anker tijdens haar dienst in de Oosterse en Pacifische vloten.

HMS Wessex (R78) was een torpedobootjager van de W-klasse die werd gebouwd voor de Britse Royal Navy tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het schip werd voltooid in 1944 en ingezet in de oostelijke en later de Pacifische vloot. In deze hoedanigheid speelde het een ondersteunende rol bij operaties tegen Japanse posities in Zuidoost-Azië. Na de oorlog werd het schip overgedragen aan de Zuid-Afrikaanse marine, waar het onder de naam HMSAS Jan van Riebeeck tot 1975 actief bleef. De inzet van dit schip weerspiegelt de wereldwijde reikwijdte van de Britse zeemacht en de latere strategische belangen van Zuid-Afrika.

Ontwerp en constructie

HMS Wessex behoorde tot de W-klasse torpedobootjagers, een onderdeel van de War Emergency-programma’s van de Royal Navy. Het schip werd besteld op 3 december 1941 onder de naam Zenith, maar hernoemd in januari 1943 naar Wessex. De kiel werd gelegd op 20 oktober 1942 bij Fairfield Shipbuilding and Engineering Company in Govan, Schotland. De tewaterlating vond plaats op 2 oktober 1943 en de oplevering op 11 mei 1944.

Het schip had een standaardwaterverplaatsing van 1.710 ton en een vollebelading van 2.530 ton. De lengte bedroeg 110,6 meter, met een breedte van 10,9 meter en een diepgang van 4,4 meter bij maximale belading. Twee Parsons-geared stoomturbines, aangedreven door stoom uit twee Admiralty-driedrumketels, leverden samen 40.000 shp, wat het schip in staat stelde om snelheden tot 36 knopen (ongeveer 67 km/u) te behalen.

Bewapening

De oorspronkelijke bewapening van HMS Wessex omvatte vier enkelvoudige 4,7-inch (120 mm) Mark IX kanonnen, geschikt voor oppervlaktestrijd. Voor luchtafweer beschikte het schip over een viervoudige opstelling van 2-ponder (40 mm) “pom-pom”-kanonnen, aangevuld met vier dubbelloops 20 mm Oerlikon-kanonnen. Twee viervoudige 533 mm torpedobuizen maakten deel uit van de standaarduitrusting voor torpedoaanvallen.

Voor onderzeebootbestrijding was het schip uitgerust met twee dieptebomrails en vier werpers, in totaal geschikt voor zeventig dieptebommen. In 1944 werd de zoeklichtpositie vervangen door een 40 mm Bofors luchtafweerkanon, wat beter bescherming bood tegen Japanse kamikazevliegtuigen.

Sensoren en dataverwerking

HMS Wessex was voorzien van ASDIC, een actief sonarapparaat voor onderzeebootdetectie. Daarnaast beschikte het schip over meerdere radarsystemen: de Type 272-radar voor oppervlaktesurveillance, Type 282- en 285-radars voor vuurleiding en een Type 291-radar voor vroegtijdige luchtwaarschuwing. Deze uitrusting weerspiegelde de technologische standaard van late oorlogsjaren binnen de Royal Navy.

Modificaties

Tijdens de jaren 1964–1966 onderging het schip, toen reeds in dienst bij de Zuid-Afrikaanse marine als HMSAS Jan van Riebeeck, een uitgebreide modernisering tot een Type 16 anti-onderzeebootfregat. De achterste torpedobuizen werden verwijderd om ruimte te maken voor een klein helikopterdek en een hangar voor twee Westland Wasp-helikopters. Ter bestrijding van onderzeeboten werden twee Amerikaanse Mk 32 drievoudige torpedobuizen geïnstalleerd. De hoofdbewapening werd vervangen door twee dubbelloops 4-inch (102 mm) Mk XVI-kanonnen, opgesteld op het voordek en achter de hangar.

Ook de elektronische uitrusting werd gemoderniseerd, hoewel de bestaande zoekradar behouden bleef. Na deze aanpassing varieerde de bemanningsgrootte tussen 186 en 210 personen.

Status schip tijdens de oorlog

Bij haar oplevering in mei 1944 was HMS Wessex een modern schip, voorzien van actuele bewapening en detectiemiddelen. De klasse was ontworpen als een snel inzetbare versterking voor de oorlogsvloot, zonder de zwaardere bepantsering van eerdere destroyerklassen. Regelmatig onderhoud en aanpassingen tijdens operaties, zoals de vervanging van het zoeklicht door een Bofors-kanon, zorgden ervoor dat het schip tijdens de actieve oorlogsperiode operationeel adequaat bleef. Er zijn geen aanwijzingen dat het schip als verouderd werd beschouwd tijdens haar inzet tussen 1944 en 1945.

Operationele geschiedenis

Na haar voltooiing werd HMS Wessex toegevoegd aan de Eastern Fleet in de Indische Oceaan. In oktober 1944 escorteerde zij de vliegdekschepen Indomitable en Victorious tijdens luchtaanvallen op Nancowry en andere doelen in de Nicobaren, onderdeel van Operatie Millet. In december nam het schip deel aan Operatie Robson, een luchtaanval op raffinaderijen in Pangkalan Brandan, Sumatra.

Tijdens Operatie Meridian in januari 1945 werd het schip aanvankelijk tijdelijk achtergehouden om reserveonderdelen voor radarapparatuur op te halen, maar sloot zich later aan bij de vloot voor aanvallen op de olie-installaties op Sumatra. HMS Wessex bleef escortetaken uitvoeren en nam deel aan de Slag om Okinawa, als onderdeel van de Britse Pacifische Vloot.

Na haar deelname aan de Slag om Okinawa begon HMS Wessex op 5 juli 1945 aan een refit in Auckland, Nieuw-Zeeland. Deze werkzaamheden duurden tot 27 augustus. In september hervatte het schip haar dienst, voornamelijk als transportmiddel voor het repatriëren van geallieerde krijgsgevangenen na de Japanse capitulatie.

Op 28 december 1945 keerde het schip terug naar Devonport, waar het op 14 maart 1946 werd opgenomen in de zogeheten ‘Category B Reserve’. Een korte refit vond plaats in januari–februari 1946. In augustus 1947 werd het schip opnieuw in actieve dienst genomen. Vervolgens maakte HMS Wessex samen met zusterschippen Kempenfelt, Whelp en Wrangler de oversteek naar Zuid-Afrika. In Simon’s Town werden deze eenheden ondergebracht in de South Atlantic Reserve Force.

Na de oorlog

Op 29 maart 1950 werd HMS Wessex voor £450.000 verkocht aan de Zuid-Afrikaanse marine. Zij werd op dezelfde dag in dienst genomen als HMSAS Jan van Riebeeck. In 1952 vertegenwoordigde het schip de Zuid-Afrikaanse marine tijdens de viering van het 300-jarig bestaan van Kaapstad, een evenement ter ere van haar naamgever Jan van Riebeeck.

Later dat jaar bezocht het schip havens in Frans-Madagaskar en Brits Oost-Afrika. In 1953 werd HMSAS Jan van Riebeeck uit dienst genomen vanwege een tekort aan personeel, mede veroorzaakt door de aanschaf van het zusterschip HMSAS Simon van der Stel. Ondanks haar status in de reserve onderging het schip tussen 1964 en 1966 een conversie tot fregat van het Type 16, zoals eerder beschreven.

In 1971 werd een nieuwe rol voor het schip gedefinieerd. HMSAS Jan van Riebeeck werd omgebouwd tot opleidingsschip, ter vervanging van Simon van der Stel. De refit startte in maart 1971 en eindigde op 12 april 1972 met haar herindienststelling. Deze opleidingsfunctie werd tot 1975 vervuld, waarna het schip opnieuw in reserve werd geplaatst.

Op 25 maart 1980 werd HMSAS Jan van Riebeeck tot zinken gebracht tijdens een oefening als doelwit, 60 zeemijl ten zuiden van Kaapstad. De eerste aanval werd uitgevoerd met een Skerpioen-raket vanaf het snelle aanvalsschip SAS Jim Fouché. Het doelwit werd uiteindelijk tot zinken gebracht met artillerievuur.

Conclusie

HMS Wessex, later HMSAS Jan van Riebeeck, vertegenwoordigde de aanpassingsmogelijkheden van oorlogsschepen die gedurende hun levensduur meerdere rollen konden vervullen. Als torpedobootjager in de Tweede Wereldoorlog diende het schip in gevarenzones van Zuidoost-Azië tot aan de Stille Oceaan. Haar latere overname door de Zuid-Afrikaanse marine verlengde haar operationele levensduur aanzienlijk. Door moderniseringen, herinzetting als fregat en uiteindelijk opleidingsschip bleef zij meer dan drie decennia in gebruik. De uiteindelijke vernietiging als doelschip markeerde het einde van een loopbaan die zowel de Britse als Zuid-Afrikaanse maritieme belangen weerspiegelde.

Bronnen en meer informatie

  1. Afbeelding: Ralston W (of Glasgow), Public domain, via Wikimedia Commons
  2. Colledge, J. J.; Warlow, Ben (2006). Ships of the Royal Navy: The Complete Record of all Fighting Ships of the Royal Navy (Rev. ed.). London: Chatham Publishing. ISBN 978-1-86176-281-8.
  3. Critchley, Mike (1982). British Warships Since 1945: Part 3: Destroyers. Liskeard, UK: Maritime Books. ISBN 0-9506323-9-2.
  4. Du Toit, Allan (1992). South Africa’s Fighting Ships: Past and Present. Rivonia, South Africa: Ashanti Publishing. ISBN 1-874800-50-2.
  5. English, John (2008). Obdurate to Daring: British Fleet Destroyers 1941–1945. Windsor, UK: World Ship Society. ISBN 978-0-9560769-0-8.
  6. Hobbs, David (2011). The British Pacific Fleet: The Royal Navy’s Most Powerful Strike Force. Annapolis, Maryland: Naval Institute Press. ISBN 978-1-59114-044-3.
  7. Lenton, H. T. (1998). British & Empire Warships of the Second World War. Annapolis, Maryland: Naval Institute Press. ISBN 1-55750-048-7.
  8. Raven, Alan & Roberts, John (1978). War Built Destroyers: O to Z Classes. London: Bivouac Books. ISBN 0-85680-010-4.
  9. Rohwer, Jürgen (2005). Chronology of the War at Sea 1939–1945: The Naval History of World War Two (Third Revised ed.). Annapolis, Maryland: Naval Institute Press. ISBN 1-59114-119-2.
  10. Bronnen voor historisch onderzoek 1800–1946