
De tweede HMS Whirlwind was een W-klasse torpedobootjager van de Britse Royal Navy, gebouwd door Hawthorn Leslie en te water gelaten op 30 augustus 1943. Het schip diende tijdens de Tweede Wereldoorlog en in de Koude Oorlog. De W-klasse behoorde tot het War Emergency Programme, waarbij schepen snel en efficiënt werden geproduceerd voor veelzijdige taken, waaronder anti-onderzeebootoperaties en escortetaken. De Whirlwind combineerde het rompontwerp van de J-klasse met vereenvoudigde bewapening en verbeterde vuurleidingstechnologie, om de bouwtijd te verkorten en de inzetbaarheid te vergroten.
Ontwerp en constructie
De Whirlwind maakte deel uit van de 9e Emergency Flotilla, besteld op 3 december 1941. Het ontwerp was gebaseerd op de romp en voortstuwingsinstallatie van de vooroorlogse J-klasse torpedobootjagers, maar met lichtere bewapening om de bouw te versnellen. Het schip werd gelegd op 31 juli 1942 bij Hawthorn Leslie’s scheepswerf in Hebburn, Tyneside, en voltooid op 20 juli 1944.
Het schip had een totale lengte van 110,57 meter, een breedte van 10,87 meter en een diepgang variërend van 3,12 meter (gemiddeld) tot 4,34 meter (volgeladen). Het standaardwaterverplaatsingsvermogen bedroeg 1.710 ton, oplopend tot 2.530 ton bij volle belading. De voortstuwing werd verzorgd door twee Admiralty 3-drum waterpijpketels die stoom leverden aan Parsons tandwielreductie-stoomturbines, met een totaal vermogen van 40.000 pk. Hiermee kon een maximumsnelheid van 36 knopen worden bereikt, of 32 knopen bij volle belading. De actieradius bedroeg 4.675 zeemijl bij een snelheid van 20 knopen, op basis van een brandstofvoorraad van 615 ton stookolie.
Bewapening
De hoofdbewapening bestond uit vier 120 mm QF Mk. IX-kanonnen, die tot 55 graden konden worden geheven om ook luchtdoelen te bestrijken. De luchtafweer werd aangevuld met een Hazemayer-gestabiliseerde dubbelloops Bofors 40 mm-opstelling en vier dubbele Oerlikon 20 mm-kanonnen. Voor torpedoaanvallen waren twee viervoudige 533 mm-torpedobuizen aanwezig. Het anti-onderzeebootarsenaal omvatte vier dieptebomwerpers en twee dieptebomrekken, met in totaal 70 dieptebommen.
Bepantsering
Net als andere torpedobootjagers in deze klasse was de Whirlwind niet voorzien van zware bepantsering. Bescherming werd voornamelijk geboden door de snelheid, wendbaarheid en rookgordijnen, waarbij de nadruk lag op offensieve slagkracht en escortetaken in plaats van langdurige vuurgevechten met zwaarbewapende tegenstanders.
Sensoren en dataverwerking
De Whirlwind was uitgerust met een Type 276-oppervlakteradar op de vakwerkmast voor het detecteren van schepen, een Type 291-luchtdoelradar op de achtermast en een HF/DF-installatie (hoogfrequent-richtingzoeker) voor het opsporen van radio-uitzendingen van vijandelijke eenheden. Voor vuurleiding was er een Type 285-radar gekoppeld aan het hooghoekrichttoestel voor de hoofdbewapening. De Hazemayer-dubbelloops Bofors-opstelling had een geïntegreerde Type 282-radar voor nauwkeurige luchtafweer.
Het schip beschikte niet over een geavanceerd Combat Information Center (CIC) of Action Information Centre (AIC), zoals bij sommige geallieerde schepen vanaf 1943 werd toegepast. Hierdoor werd de verwerking en distributie van sensorgegevens grotendeels handmatig uitgevoerd via visuele rapportage en telefonische verbindingen tussen brug, vuurleiding en wapenstations. In vergelijking met schepen die wél over een centraal commandosysteem beschikten, was de informatiecoördinatie minder efficiënt, wat in intensieve gevechtssituaties een beperking vormde.
Modificaties
Tussen 1952 en 1953 werd de Whirlwind verbouwd tot een Type 15 snelle onderzeebootbestrijdingsfregat. Hierbij werd de opbouw herzien, nieuwe sonarapparatuur toegevoegd en de bewapening aangepast voor anti-onderzeeboottaken. Het pennantnummer veranderde in F187. De modernisering verlengde de operationele levensduur van het schip en verbeterde de prestaties in onderzeebootbestrijding tijdens de Koude Oorlog.
Status schip tijdens de oorlog
Bij de indienststelling in 1944 was de Whirlwind technisch gezien een modern schip binnen de Britse vloot, maar het ontbreken van een geïntegreerd gevechtsinformatiesysteem (CIC of AIC) betekende dat de verwerking en distributie van sensorgegevens grotendeels handmatig verliep. In vergelijking met schepen die vanaf 1943 dergelijke systemen hadden, was de coördinatiecapaciteit beperkter. Regelmatig onderhoud en de relatief korte operationele inzet in de Tweede Wereldoorlog zorgden ervoor dat de Whirlwind in goede staat bleef voor naoorlogse taken.
Operationele geschiedenis
Na haar indienststelling in juli 1944 met pennantnummer R87 werd de Whirlwind toegewezen aan de Eastern Fleet. Tijdens de overtocht naar het Verre Oosten maakte zij een tussenstop in de Middellandse Zee en escorteerde het slagschip King George V bij de beschieting van het eiland Milos in november 1944.
Aansluitend voer de Whirlwind naar Trincomalee op Ceylon (het huidige Sri Lanka), waar zij zich op 22 november 1944 aansloot bij de British Pacific Fleet. Het schip nam deel aan Operatie Robson (17–23 december 1944), waarbij vliegdekschepen HMS Indomitable en HMS Illustrious luchtaanvallen uitvoerden op doelen in Sumatra. In januari 1945 volgden de Operaties Meridian I en II, gericht op olieraffinaderijen in Sumatra, alvorens de vloot doorvoer naar Australië.
Na de oorlog werd de Whirlwind in 1947 en 1948 ingezet als opleidingsschip voor jongens bij Rosyth. In 1953 keerde zij terug in actieve dienst als Type 15-fregat in het Middellandse Zeegebied, waar zij onder andere betrokken was bij de berging van het wrak van een de Havilland Comet in 1954. Tijdens de Suez-crisis van 1956 maakte zij deel uit van de 5e Fregattensquadron en voerde patrouilles uit voor de kust van Cyprus.
Na de oorlog
In de jaren zestig werd de Whirlwind ingezet bij de 8e Fregattensquadron in thuiswateren en het Caribisch gebied. Tijdens de topontmoeting in Nassau in december 1962 tussen de Britse premier Harold Macmillan en de Amerikaanse president John F. Kennedy fungeerde het schip als communicatiestation en beveiligingsplatform.
In 1964 voerde de Whirlwind, samen met HMS Rothesay, patrouilles uit bij de Bahama’s om illegaal verkeer vanuit Cuba te onderscheppen. In 1966 werd het schip op de afvoerlijst geplaatst. Uiteindelijk werd zij in 1969 naar Pembroke Dock gesleept om te dienen als doelschip, maar zij zonk in 1974 op haar ligplaats in Cardigan Bay.
Conclusie
De tweede HMS Whirlwind vertegenwoordigde de Britse destroyerbouw aan het einde van de Tweede Wereldoorlog, waarbij snelheid, veelzijdigheid en massaproductie centraal stonden. Het schip was geschikt voor escort- en aanvalstaken, maar beschikte niet over de geïntegreerde sensordata-verwerking die bij schepen vanaf 1943 steeds vaker werd toegepast. Hierdoor was zij in termen van gevechtsinformatiecapaciteit minder geavanceerd dan sommige tijdgenoten. De naoorlogse modernisering tot Type 15-fregat verlengde haar operationele inzet en maakte haar geschikt voor Koude Oorlog-taken, tot haar uiteindelijke buiten dienststelling en gebruik als doelschip.
Bronnen en meer informatie
- Afbeelding: Royal Navy official photographer, Public domain, via Wikimedia Commons
- Colledge, J. J.; Warlow, Ben (2006) [1969]. Ships of the Royal Navy: The Complete Record of all Fighting Ships of the Royal Navy (Rev. ed.). London: Chatham Publishing. ISBN 978-1-86176-281-8.
- Friedman, Norman (2008). British Destroyers & Frigates: The Second World War and After. Barnsley, UK: Seaforth Publishing. ISBN 978-1-84832-015-4.
- Gardiner, Robert; Chesneau, Roger, eds. (1980). Conway’s All The World’s Fighting Ships 1922–1946. London: Conway Maritime Press. ISBN 0-85177-146-7.
- Hobbs, David (2017). The British Pacific Fleet: The Royal Navy’s Most Powerful Strike Force. Barnsley, UK: Seaforth Publishing. ISBN 978-1-5267-0283-8.
- Lenton, H.T. (1970). Navies of the Second World War: British Fleet & Escort Destroyers Volume Two. London: Macdonald & Co. ISBN 0-356-03122-5.
- Whitley, M. J. (2000). Destroyers of World War 2: An International Encyclopedia. London: Cassell & Co. ISBN 1-85409-521-8.
- Bronnen voor historisch onderzoek 1800–1946









